dinsdag 17 december 2019

Weblogbrief 15.07, 17 december 2019

Weblogbrief 15.07, 17 december 2019

Querida familia y amigos, hier ben ik weer met een brief waarvan het eerste stuk tot zaterdagmiddag in Las Palmas is geconcipieerd en daarna heb ik hem voortgezet vanuit mijn huis in Maastricht-Oost. Naturlijk heb ik na zitten denken of ik niet beter een week of meer kon overslaan, nu Greetje ziek is. Aan de andere kant, naast dit trieste deel is er ook nog steeds een vrolijk deel. Laat ik van beide zaken maar eens in dezelfde brief getuigen.

Ik krijg Harry op woensdagmorgen 11 december niet te pakken, maar lees later, als ik op de universiteit ben, een nieuwe e-mail van hem aan mij: het is, denkt hij, een kwestie van hooguit een paar dagen. Ik bestel een stoel in de Transavia-vlucht van zaterdagavond naar Eindhoven.
Ik verstuur mijn vorige brief aan jullie en druk een kopie (plus enkele foto's) af. Dan breng ik Harry, Trudie, Eva & Jan Willem en Ton & Marion ervan op de hoogte dat ik binnenkort naar Nederland kom. Een terugvlucht naar Gran Canaria boek ik nog niet. Dat lijkt me een zaak van later.

Vervolgens doe ik op de universiteit maar gewoon wat ik de laatste weken steeds doe: Harry's website bekijken en daarna mijn feuilleton van "Zondag Met Lubach" voortzetten.
Tussen de redelijk recente clips die Harry mij aanbiedt, zit er een van een live versie (in München) van Michael Jackson: "Black or white" een nummer uit 1991. De performance van de man blijft apart.
Eerder heeft Harry ook nog zijn verhaal over Jan de Winter op papier kunnen zetten, de vader van Jan-Maarten die als oud-hoofdreactuer van muziekblad Oor bij hem op bezoek is geweest. Jan de Winter, wie is dat nou weer? De vader van Jan-Maarten is in Amsterdam geboren in 1918 (een jaar eerder dan mijn vader). Hij treedt na de oorlog als jongeman in dienst van de AVRO. In 1950 wordt hij daar hoofd van de nieuwe sectie "Lichte Muziek".
(Wie van de ouderen kent niet nog de "Bonte Dinsdagavondtrein" van de omroep, met artiesten zoals de Wama's en Snip & Snap. Zoon Jan-Maarten de Winter (uit 1947) kan zich nog goed voor de geest halen hoe op de dinsdagavonden, ook in de jaren 50, steeds een hele stoet toeschouwers, die een kaartje hebben weten te bemachtigen, van het station in Hilversum naar de AVRO-studio trekken.)
In 1956 weet Nico Boer van Philips/Phonogram Jan de Winter over te halen om voor die platenfirma te komen werken. Later voegt ook Rine Geveke zich bij hen. De nieuwe doelgroep: teenagers, wil eigen sterren en om die te werven worden overal in het land talentenjachten georganiseerd. Concurrent Bovema (met Ger Oord) heeft goud in handen met Johnny Jordaan, maar Phonogram weet in die tijd o.a. Peter Koelwijn te contracteren.
Bij het opnemen van platen wordt er extra aandacht aan besteed dat de zangers en zangeressen goed verstaanbaar zijn. Toch heten veel nieuwkomers met hun hitsingles "nonvaleurs" te zijn, die zelfs niet fatsoenlijk noten kunnen lezen, laat staan ook nog spelen. Uitzonderingen zijn het harmonica-duo Karl Schriebl & Jos Hupperts uit Kerkrade en het zigeunerorkest van Tata Miranda. Grote tienerhits in bijv. 1960 zijn "Hou je echt nog van mij, Rocking Billy", een vertaald Zweeds nummer gezongen door Ria Valk, en "Ramona" van de Blue Diamonds (Riem en Ruud de Wolff). Van "Ramona" krijg ik zelfs een clip in het Spaans te zien. Weten jullie wel dat "Ramona" veel eerder een hit was van Gene Austin in 1928 (met ook een mooie filmversie in dat jaar van Tommy Weir)?
In de jaren erna, de sixties, kent Nederland, naast de Britse invasie, zijn eigen beatrage. Jan de Winter start een muziekuitgeverij op de Amsterdamse Weteringschans (schuin tegenover Paradiso). Jack Bulterman is in die tijd een van zijn arrangeurs Hij neemt nog een prima producer onder zijn hoede, Ad Kraamer, maar de sjeu gaat er langzaam en steeds meer af. Jan de Winter overlijdt in 2004.
Is dit geen mooi verhaal over de eerste jaren van de "lichte muziek" in Nederland?

Als tussenstapje vertel ik jullie dat Antoine Griezmann, vooralsnog een peperdure miskoop van voetbalclub Barcelona, tegenwoordig ook actief is als reclamemaker vooor de auto-industrie. "Hoy 3500 personas morirán en la carretera. Detente cuando estes cansado", Vandaag de dag gaan er 3500 mensen dood op straat. Hou je een beetje gedeisd, als je moe bent.
Nu nog wat beter voetballen en wie weet, komt het dan weer goed met deze spitse Fransman met een staartje.

En dan is het uiteraard tijd voor mijn (terugkerende) "column" over "Zondag Met Lubach". Allereerst staat die van 8 december op de rol. Wat kan zijn club toch veel brengen in een goed half uur tijd. Een klein onderwerp, om in de sfeer te komen, is deze keer de aangekondigde nieuwe protestactie van de boeren. Stoppen ze met hun waar door te geven aan de distributiecentra en de supermarkten en gaan ze hun producten zelf verkopen? Nee hoor, dat zit er niet in. Ze gaan in de week vóór kerst de distributiecentra blokkeren, in de hoop dat die hun vooraden niet op tijd kunnen uitventen naar de supermarkten. Dat protest nu al aankondigen zal er wel ook toe leiden dat de supermarkten hun tegenzetten kunnen voorbereiden. Ik vrees met Lubach dat een kleine hongerwinter vlak voor de "felices fiestas" er niet echt inzit.
Onderwerp 2 gaat over de steeds weer nieuwe zogenaamde mijlpalen in afwachting van het Europese songfestival in mei 2020. Een van de laatste is dat er meer dan 1000 vrijwilligers in Rotterdam komen helpen. En dat er een grote after-party zal zijn, voor de bobo's in de Maassilo en voor de overige Nederlanders in het Eurovillage. Er hangt wel een prijskaartje aan het entreebewijs van de overige Nederlanders. Voor niks gaat de zon op.
Het verbod om vuurwerk af te steken in Duindorp en Scheveningen houdt niet alleen VVD-kamerlid Dennis Wiersma bezig,. De ad interim burgemeester Remkes staat open voor alternatieve ideeën. De groep van Lubach doet hem er alvast een aan de hand: twee hoge uitkijktorens bouwen van kerstbomen en pallets en die op oudejaarsnacht in de fik steken. Wat zal het een vreugdevuur op het strand geven!
Dan mag ik nu – eindelijk – naar het hoofdonderwerp van "Zondag Met Lubach" van afgelopen zondag 8 december. Dat gaat - met permissie - over de vliegschaamte, een woord dat de nieuwe editie van de Van Dale zeker gaat halen. Als binnenkomer wordt bij "Zondag Met Lubach" een gepland optreden van Guus Meeuwis gememoreerd, in New York, waarvoor zo'n 3000 Brabanders zullen worden ingevlogen. Dan komt ons aller Mark Rutte weer even in beeld, die het echt te ver vindt gaan dat hij naar de conferentie over de klimaatcrisis in Madrid per trein zou moeten reizen. Met een vliegmachine doe je er maar 2 uur over en met de trein 15 uur.
Een belangrijk punt hiebij is natuurlijk dat we er met het spoor in Euroa nog steeds een rotzooitje van maken. In Spanje ligt een breder spoor dan bij ons en wie naar Duitsland gaat, krijgt aan de grens met andere leidingspanning van doen. Roger van Boxtel, nu de baas van de NS, zegt dat een rit Amsterdam-Berlijn best in minder tijd kan, maar we hebben nou eenmaal besloten dat die internationale trein op allerlei plaatsen in Nederland en Duitsland halt moet houden. Idem dito zou de treinrit Amsterdam-Madrid best in veel kortere tijd kunnen.
Bijna 40% van onze internationale reizen is binnen de 750 km en meer dan 70% is binnen Europa. Daar moet toch iets in Europees verband aan te verhapstukken zijn. Waarom zou een trein dat niet veel sneller kunnen doen? Als we de vliegtuigindustrie zo dramatisch bevoordelen: geen BTW, geen kerosinebelasting, zou ook een treinbonus best op zijn plaats zijn. Met de trein gaan zou voor wie dat graag ziet, ook nog eens heel goed zijn voor het milieu - Amsterdam-Madrid kost nu per vliegtuig 295 kilo CO2 en per trein 45 kilo.
Tot de voordelen om zaterdagavond naar Maastricht te gaan reken ik dat ik de volgende uitzending van "Zondag Met Lubach" op 15 december al op het moment van uitzending zelf op zijn merites kan gaan beoordelen.

Gewoontegetrouw neem ik op woensdagmiddag laat bus 12 vanaf de universiteit in het zuiden helemaal naar mijn parkje in La Isleta. Daar zit ik een uurtje te lezen op een bank bij de "kiosco" , voordat ik mag teruglopen naar het stadsbibliotheekje daar vlakbij. Weten jullie het nog? In het Spaans heet ze "biblioteca municipal Pepe Dámaso".
Ik lees er in verscheidene kranten hoe Valencia ons Ajax in de Amsterdamse Johan Cruyff Arena vernederd zou hebben. De werkelijkheid is anders, beste mensen. Joël Veltman is mijn verdediger al lang niet meer en dat heeft hij ook bij diverse gelegenheden laten merken. Als hij niet zo stom was geweest om een paar stappen terug te doen richting het doel van Onana, had Rodrigo in minuut 24 meer dan een beetje buitenspel gestaan, toen die de Ajax-keeper verschanste. Die Veltman zou ik, als ik trainer van Ajax was, definitief verbannen naar de bank of liever de kleedkamer en nog liever uit het stadion verwijderen. Veltman, opgehoepeld!
Wat heeft Valencia een geluk gehad bij acties van o.a. Donny van de Beek, Ziyech en Álvarez. Maar goed, 0-1 is 0-1, daar helpt geen lief moedertje aan.

Op donderdagmorgen loopt een meisje door mijn stukje straat met op haar voorgevel: "WHY NOT NOW?".

Overdag kijk ik met uiterst gemengde gevoelens terug op een debat dat ik gistermiddag op de computer "op het werk" heb bekeken. Voor ITV betreden zo´n vier weken terug de twee hoofdkemphanen van de Engelse verkiezing, Boris Johnson en Jeremy Corbyn, het strijdperk. Conservatief Boris Johnson is nog steeds niks meer dan de omhoog gevallen journalist, die eerder in Brussel heeft laten zien dat het daar niet allemaal pais en vree is. Om een leugentje toen en nu zat hij toen en zit hij nog steeds niet verlegen. Socialist Jemery Corbyn aan de andere kant is mij net iets te saai om tegen zijn opponent te scoren. Hij is helaas niet iemand om de oorlog meer te winnen. Vanaf het begin al krijgt zijn bijdrage aan het debat (bijna een uur) minder krediet. Hij houdt zich in tegenstelling tot Boris Johnson, ook ietsje teveel aan de hem toegemeten seconden. Corbyn is mij teveel een schoolmeester en Johnson een foute belhamel.
Na afloop blijkt dat andere, redelijk neutrale deskundigen in meerderheid vinden dat Corbyn beter over het voetlicht is gekomen dan Johnson. Maar de polls blijven onverbiddelijk: Boris Johnson met zijn Brexit-plan gaat de glorieuze overwinnaar worden, wellicht zelfs met een absolute meerderheid van de stemmen.
Als ik donderdagavond 12 december om half 9 of zo op NU.NL pols of de voorspelling is uitgekomen, blijkt dat ik weer eens te vroeg ben. Er kan nog steeds gestemd worden! Op de definitieve uitslag zal ik nog moeten wachten. Ik ga morgen, vrijdag nog eens opnieuw kijken of Jeremy Corbyn niet toch als winnaar uit de strijd is gekomen (maar ik denk van niet).

Harry vertelt me donderdagavond (per e-mail) dat het met Greetje in het LUMC nu wel weer ietsje beter gaat. De woensdag en donderdag lijken ietsje minder zwart te zijn dan de dagen ervoor. Trudie komt me zaterdagavond gelukkig in Eindhoven ophalen. Eva belt me en vraagt zich af of mijn vertrek nu naar Nederland niet een beetje voorbarig is.
Ik blijf bij mijn idee dat ik zaterdagavond in het vliegtuig naar Eindhoven ga zitten. Wellicht kan ik de komende week nog een keer bij Greetje op bezoek gaan in het Leidse ziekenhuis.

Terzijde, in El Corte Inglés is het donderdagavond best druk. Het is (bijna) "Black Friday", de feestdagen komen eraan en menigeen is daar nu al voor aan het shoppen. Ik ben er vooral om mijn voorraad nootjes weer eens op peil te brengen en of ik het leuk vind of niet, ik breng ook een bezoek aan de zesde etage van het noordgebouw. Die etage is helemaal in kerstsfeer ingericht, helaas.
Tussen de twee Corte Inglés gebouwen staan op het plein enkele jongeren (met masker op) uit te venten dat er wel weer vele vrachtwagens dieren naar de slachtbank zullen gaan en dat een en ander niet allemaal even zachthandig gebeurt. Het lijkt wel of ik naar actievoerders van Wakker Dier aan het kijken ben.

Vrijdagmorgen al zie ik op NU.NL dat Boris Johnson zijn tegenstander Jeremy Cordyn verpletterend heeft verslagen, heeft ingemaakt. Ongeveer 67% van alle stemgerechtigden is naar de stembus gegaan en daarvan heeft de conservatieve partij 44% gekregen en de socialisten 32%. Daarbovenop komt dat de Britten een ander kiesstelsel hebben dan wij. Er zijn 650 districten en voor ieder district geldt: "the winner takes all". (Bij de vierjaarlijkse presidentsverkiezing in de VS is iets dergelijks aan het handje. Daar is het: "the winner takes all" per staat.) Het kiesdistrictstelsel zorgt ervoor dat de partij van Boris Johnson 56% van alle 650 kiesmannen, Kamerleden achter zich weet, meer dan de helft. Jeremy Corbyn kan vertrekken door een zijdeur. Boris de Grote kan zijn variant van de Brexit op 31 januari met de nodige schwung gaan uitserveren in het Britse parlement.

Een van de meest onderschatte muzikanten van Nederland komt uit de provincie en is bij mijn weten nooit echt een "Nationale Bekendheid" geworden. Hij heet Alex Roeka, is geboren in 1945 in Ravenstein bij Nijmegen. Het is een laatbloeier, als het op studioplaten maken aankomt. Zijn eerste CD is van 1996, als hij de 40 jaar al gepasseerd is en daarna volgen er nog negen plus in 2017 een compilatie. Ik vind de man - de Nederlandse Bob Dylan? - zo goed dat ik hem hier met alles wat ik in me heb, ga opvoeren. Dat doe ik overigens met dank aan Vic Damoiseaux, op wiens uitvaart ik afgelopen zomer voor het eerst met de muziek van Alex Roeka (liedje 7 van mijn serie van 25) kennismaakte.
De eerste vijf CD's van de man uit Ravenstein zijn getiteld (met jaartal van uitkomen) "Zee Van Onrust" (1996), "Wildernis (1999), "Wolfshonger" (2002), "Schemerdrift"(2004) en "Hadeskade"(2006). De vijf CD's zijn m.i. allemaal indrukwekkend, maar het is misschien iets teveel van het goede om hier met de hele bups aan nummers aan te komen zetten. Dus selecteer ik voor jullie een 25-tal liedjes die ik echt allemaal even "guay" vind:
01.96.04. Late morgen
02.96,05. Blues op de nacht
03.96.10. Nanda
04.96.11. De blindenkaravaan
05.96.12. Roos
06.99.03. Blues bij de deur waar de man staat
07.99.07. Kermis in Ravenstein
08.99.08. De mannenwoestijn
09.99.12. Vader
10.02.01. De dag van altijd
11.02.05. Stad van je leven, stad van de dood
12.02.08. De muur van Geraardsbergen
13.02.11. Laat ons niet vergaan
14.02.12. Vechten tot het eind
15.04.04. Vuur en ijs
16.04.07. Miranda II
17.04.09. Er is geen later meer
18.04.10. Het licht van broeder Jozef
19.04.11. Het carnaval der doden in de hel
20.04.12. Alleen maar dit moment
21.06.04. Brand in het hart van de stad
22.06.05. Lege ochtendkroeg
23.06.08. Het lied van de vreemde
24.06.10. De sloeberbruid
25.06.12. Leer me de liefde weer
Ik herhaal het, in andere woorden: er is maar één Alex Roeka in Nederland en dat zit ik jullie bij dezen in te peperen. Ik weet nu al dat er later nog een tweede deel van zijn oeuvre volgt, dus bereid je daar geestelijk maar alvast op voor. Mijn 25 uit de eerste vijf CD's,, in totaal twee uur muziek, zijn naar mijn onbescheiden mening allemaal hoogtepunten, Daar ga ik verder niks meer aan afdoen of extra ophemelen. Doe me een lol en kijk in alle rust eens, hoe Alex Roeka jullie op bijv. YouTube voor verrassingen zal plaatsen.

Ik heb intussen al een flinke hap uit mijn voorraadje eten in de diepvries genomen. Eerder ging er al een halve kilo zuurvlees met toebehoren doorheen in twee sessies. Gisteren en vanmiddag is daar een pond of wat goulash bovenop gekomen, ook nu in tweeën, met bruin brood met veel pitjes en als toetje ook nog eens enkele yoghurtjes.
De liefde van een man gaat door de maag (naar de darmen).

Nu we de (weder-)geboorte van Jezus weer eens gaan beleven, vraag ik me in alle ernst af hoeveel mensen het instituut Kerk nog zien als een mediair tussen god en de gewone wereld. Kan ik als atheïst überhaupt nog voldoende begrip opbrengen voor mensen die in een god (of drie of meer) geloven? Zeker in Maastricht heb ik, zelfs onder mijn vrienden en kennissen, nog de nodige halve en hele godsgelovigen zitten. Laat ik mijn eerlijke mening daarover vandaag maar eens ronduit ventileren: wie zelfs maar enigszins rationeel is, hoort met het idee van een "god in de hemel" niks niemandal uitstaande te hebben. In god geloven is m.i. in strijd met nadenken. Daarbovenop zie ik ook nog eens geloven in de leidende rol van paters, dominees, imams e.d. in de uitoefening van je godsdienst zelfs als complete onzin.
Ik vertel aan mensen om mij heen graag het verhaal van de plek van onze aarde en onze zon in het melkwegstelsel: ergens op tweederde van het centrum, te midden van zijn honderd miljard andere zonnen. En dan te bedenken dat er 100 miljard melkwegstelsels zijn in het heelal en wie weet, zelfs wel meer heelallen. Dat er mensen zijn die daar nog weer een of meer goden boven zetten, met ook nog eens een Kerk of zo erbij, vind ik heel verontrustend. Ieder mens heeft, vind ik, recht op één afwijking, maar godsdienst hoort niet in het rijtje te vergeven fouten thuis.
Hebben jullie intussen de kerststal al uit de mottenballen gehaald, een sopje gegeven en op het dressoir gezet? Noche de paz, noche de amor", stille nacht, heilige nacht!

De zaterdag staat uiteraard in het teken van de overgang en dan bedoel ik niet die van jonge volwassene naar oudere. Ik heb het over mijn gang van Las Palmas naar Nederland. 's Ochtends zit ik nog te lezen op mijn balkon, dan eet ik in mijn keuken de restjes uit de ijskast op (maar niet als "ropa vieja"). Even over 2 uur besluit ik dat best alvast richting het streekbusstation kan gaan. Op het vliegveld blijkt mijn Transavia-vliegtuig een half uur vertraging te hebben. Dat komt mede, hoor ik later van een stewardess dat er op de heenvlucht een behoorlijke tegenwind heeft gestaan en dan duurt zo'n vlucht van ruim 3000 km een stuk langer dan 4½ uur.
Komen we nou niet te laat in Nederland aan om nog vóór 12 uur in Eindhoven te mogen landen? Uitwijken naar Schiphol is me één keer overkomen en heeft me vele uren extra tijd gekost. Moet ik Trudie alsnog afbellen, omdat die anders onverrichterzake om 11 uur, half 12 op de "kiss and ride" (wie bedenkt zo'n naam?) bij het Eindhovense vliegveld staat? Dezelfde "luchtwaardin" (op zijn Vlaams) verzekert me dat forse tegenwind op de heenweg tevens heel wat meewind inhoudt op de vlucht Gran Canaria – Eindhoven. Ik heb deze vlucht al vaak genoeg gemaakt, maar vanavond breek ik het record: de vlucht duurt deze keer maar drie uur en drie kwartier van start tot landing. Trudie staat in Eindhoven keurig in de aanslag om mij naar mijn huis in Maastricht-Oost te brengen. Om even over 1 lig ik op één oor.

Uitslapen hoort in Nederland een beetje bij de zondagmorgen. Om half 10 sta ik onder de douche en een stief kwartiertje later neem ik mijn pillen, zet een pot koffie en begin op mijn gemak de post door te nemen (die Ton eerder al netjes voor me op de grote tafel in de woonkamer heeft klaargelegd). Om in stijl te blijven bij deze brief zet ik als muziek nog eens opnieuw mijn top 25 van de eerste vijf CD's van Alex Roeka op.
Weten jullie al – ik heb het net vanmorgen op zijn "site" gezien - dat er vanaf deze week in nieuwe Roeka uit is? Ze heet "Rauwe Genade" en ik ga niet rusten (bij wijze van spreken dan) voordat ook die op mijn laptop staat. Er zijn vijftien nieuwe liedjes op de plaat, te beginnen met "Zanger van leven, liefde en dood". Andere nummers op de CD, die op BOL.COM al is aangekondigd, zijn o.a. "Credo voor een leeghoofd", "De Polen" (die hem helpen) en – als ode aan de plek waar hij zich een tijdje heeft teruggetrokken – "Zeeuwse wind".

Op maandagmorgen lees ik dat de trainer van voetbalclub PSV, Mark van Bommel, ontslagen is, nu de club zondagmiddag ook nog eens van Feyenoord verloren heeft. Te slechte resultaten de laatste tijd, wordt gezegd. Mijn Nederlandse clubje Ajax verliest ook, deze week voor de derde keer, nu van AZ in de laatste minuut. Erik ten Hag staat nog niet op straat, gelukkig.
Laat ik maar vlug naar later op de zondagavond gaan, als Arjen Lubach mij trakteert op de laatste "Zondag Met Lubach" in dit jaar. Er worden vijf onderwerpen "aangesneden", o.a. over het niet kunnen internetbankieren van sommige bejaarden (maar ze staan wel achter de rollator sinds 1987), de gebarentaal van de burgemeester van Utrecht en de canon van Nederland voor 18-jarigen. Ten hemelschreiend vind ik de afwijzing van de Marokkaanse overheid, ook van de ambassadeur in Den Haag, om staatssecretaris Ankie Broekers-Knol fatsoenlijk te woord te willen staan over het terugsturen van uitgeprocedeerde Marokkaanse jongeren.
Het hoofdonderwerp is deze keer – december - het meedoen aan loterijen. Ongeveer de helft van Nederland koopt wel eens een lot. Er zijn twee grote spelers in de markt. De ene is Novamedia met hun drie kassuccessen: de Nationale postcodeloterij, de Vriendenloterij en de BankGiroloterij (met hun "Wij zijn miljonair"). De andere grote speler is de Nederlandse Staat met zijn zeven loterijen. Wat de laatste betreft, komen bij Lubach, naast de Lotto, Eurojackpot, Lucky Day en het Miljoenenspel vooral de Toto aan bod (gokken op voetbalwedstrijden), de Krasloten ("krassen, cashen, klaar") en bovenal de Staatsloterij.
Er gaat om de zaak een beetje op te peppen jaarlijks zo'n 40 miljoen euro aan reclame doorheen, terwijl de winnaar op iets minder, 30 miljoen, kan rekenen (plus enige hulp van een geldbegeleider). Op de internetsite kun je al een half staatslot kopen voor 15 euro, maar met enkele extra klikken zit je op 30 dan wel 300 of zelfs 3000 euro. De rol van de overheid zou primair moeten zijn het gokken tegen te gaan (er zijn 80.000 gokverslaafden), de consument te beschermen en de criminaliteit en illegaliteit tegen te gaan. De werkelijkheid is helaas ietsje anders. Lubach suggereert met zoveel woorden – en volgens mij terecht - dat "Wopke" (Hoekstra, de minister van Financiën) met eerst zijn hondje en nu zijn egeltje via de loterijen een aardige nieuwe bron van inkomsten genereert.
In januari (2020) komt er wee een nieuwe serie "Zondag Met Lubach". Ik ga dan zeker weer kijken.

Gisteren kreeg ik Harry niet te pakken, maar op maandagmorgen zit hij aan de telefoon, als ik bel. Het gaat inderdaad weer ietsje beter met Greetje, maar helemaal overgaan van de kanker zit er niet meer in. Ze is ook nog steeds snel moe. Een bezoekje het afgelopen weekend van twee goede vriendinnen is haar best zwaar gevallen. Ik spreek met Harry af om woensdag opnieuw bellen en dan ook opnieuw te bekijken of en wanneer ik eens op bezoek in het ziekenhuis kan komen.
Intussen heeft hij het best druk met allerlei dingen regelen.

In Nederland kijk ik veel meer televisie dan wanneer ik in Las Palmas ben. Zelfs mijn nieuwe flatscreen daar verleidt me er maar zeer af en toe toe om eens een film of voetbalprogramma op te zetten. Hier in Maastricht heb ik er, met name 's avonds, best vrede mee om voor apparaat te zitten. Vooral sommige informatieve programma's kunnen me wel bekoren.
Jeroen Pauw heeft te kennen gegeven om met zijn praatprogramma te stoppen. Deze week is de laatste van zijn praatprogramma. Dat staat op de maandagavond (gisteren dus) voor een belangrijk deel in het teken van de arrestatie van Taghi. Voluit heet de man Rioudan Taghi, bij de politie Roudan T. en hij is van origine Marokkaan. Voor de politie, recherche, officieren van justitie en hoe ze allemaal heten is Taghi al tijden lang de belangrijkste en meest gezochte crimineel van Nederland, vanwege zijn drugshandel (hash op steeds grote schaal, nu ook vrachtwagens coke) en zijn veronderstelde hoofdrol bij allerlei liquidaties. Wat zijn ze blij, ik ook, dat Taghi in de nacht van maandag op dinsdag, in samenwerking met de politie van die stad, is opgepakt in Dubai. De uitlevering en berechting zal nog een hele tijd in beslag gaan nemen, maar ik schat in dat hij de rest van zijn leven in de bak moet gaan zitten in Nederland (als hij niet aan Marokka wordt uitgeleverd).
Is daarmee de rust in de drugswereld weergekeerd? Nee, vertellen de deskundigen bij "Pauw", waarschijnlijk gaat de rest van zijn organisatie gewoon door, eventueel met de tweede man als kopman. Ook zullen andere drugsorganisaties zeker gaan proberen om een deel van de afzetmarkt van Taghi te veroveren.

En dan is het dinsdag en lijkt me dat ik genoeg bladzijden heb om jullie mee te verrassen Vooruit, in de straat komt een jongen voorbij met op zijn jas: "NEVER AFRAID TO FAIL". Nooit bang om een fout te maken. Zo kan die wel weer. Mijn volgende brief kunnen jullie na het weekend verwachten, ik neem aan nog vóór Kerstmis.
Hou het niet droog de komende dagen, is mijn advies aan jullie, en tot ziens maar weer, hasta luego, PaulK.

P.S. Kerstkransjes en kerststollen mogen uiteraard pas na de hoogmis op 25 december gegeten worden. Bommetjes gooien en oliebollen wegwerken zijn nog langer taboe.

BOEKENBIJLAGE

Op de afgelopen donderdagavond ben ik in El Corte Inglés, ook op boekenafdeling. Die is op begane grond in het zuidgebouw. R=Er liggen allerlei nieuwe boeken (nog in harde kaft) die mij de moeite waard lijken. Ik zie er nu bijv. John le Carré's "Agent running in the field", Michael Connelly's "Dark sacred night", John Grisham's "The reckoning" en Stephen King's "The institute". Ze zijn wel allemaal in het Spaans, niet in het Engels, laat staan Nederlands. Tussen de niet- "novelas policiacas" valt mij er een van Isabel Allende op: "Largo pétalo de mar". En om dit alineaatje af te sluiten, er liggen ook maar liefst twee nieuwe boeken van Arturo Pérez-Reverte: "Sidi" en "Una historia de España".

Hoewel ik met name in het vliegtuig naar Eindhoven haast aanhoudend heb zitten lezen, ben ik nog lang niet door mijn leesboek, 600 blz. dichte tekst, heen. Komt dat mede, omdat het vliegtuig als een pijl naar het noorden ging? Jullie moeten het daarom doen met maar eentje, waaraan ik eigenlijk al voor mijn vertrek naar Las Palmas begonnen ben en dat ik de laatste dagen weer in Maastricht wel uit heb gekregen: "De Linkerbil Van Bettini". Het boek staat op het conto van Rotterdammer Wilfried de Jong. Het is uit 2005.
Het gaat deze keer niet om één uitgesmeerd verhaal, maar om een hele serie korter werk. Ik krijg vijf verhalen voorgeschoteld, dan 22 colums, daarna zes belevenissen en ten slotte nog (samen met Wim de Jong) een ruim twintig pagina's tellend interview met Johan Cruijff. Ik ga er nu eens niet iets uitlichten, maar wil hier wel gezegd hebben dat Wilfied de Jong van sport weet en ook weet hoe hij zijn verhaaltjes moet opschrijven. Zijn stukken en stukjes zijn een combinatie van vakmanschap en onmiskenbare literaire kwaliteit. Het boek gaat met een volle 8 terug in de kast.

woensdag 11 december 2019

Weblogbrief 15.06. 11 december 2019

Weblogbrief 15.06, 11 december 2019

Queridos amigos y familia, van Trudie kun je veel zeggen, maar mijn ijskast vullen met lekkernijen kan ze. Het immense vriesvak zit mutje vol met vleeswaren die maar gewarmd hoeven te worden: gehaktballen, zuurvlees en goulash. Voeg daarbij de drie bakken soep die ik na haar komst op zaterdag 30 november nog over heb en ik kan slechts constateren dat ik een tevreden mens ben. Mij kan wat eten betreft voorlopig niks gebeuren. Ik heb het oprechte gevoel dat ik zeker dit jaar en wellicht ook nog een eind in 2020 vooruit kan.

Laat ik maar gewoon bij surprisenavond - of is het nog middag, in ieder geval op 5 december – beginnen met mijn ditjes en datjes. Overal lees ik de nieuwste slagzin van mijn tweede stad: Las Palmas. donde sucede la vida, Las Palmas, de stad waar HET gebeurt. Is dat niet wonderbaar? Ik vrees dat het reclamebureau hem op een stortregnachtige avond, zoals deze donderdagavond, bedacht heeft. En dat het stadsbestuur vervolgens gedacht heef: die jongens en meisjes gaan erover, dus laten we hem ("donde sucede la vida") maar breeduit gaan afficheren.

Op de afdeling gekomen stuur ik eerst mijn brief uit en dan druk ik hem ook nog eens af voor eigen gebruik. Dan is mijn mail aan de beurt. De organisatie uit Lisse, die namens mij de BTW van de zonnepanelen gaat terugvragn bij de belastingdienst, blijft me bestoken met steeds dezelfde vragen, dus die krijgt van mij nu steeds korte antwoorden. Trudie is in Las Palmas en dan valt er weinig naar haar te mailen. De anderen sla ik eens een keertje over. (De mailboog kan niet altijd gespannen zijn.)

Vooruit, Harry heeft wel een heel mooie clip van ene Luna Lee, die het nummer Venus (van Robbie van Leeuwen) uiterst charmant uitvoert op een groot apparaat dat iets weg heeft van een horizontale harp. Prijzenswaardig op surprisenavond vind ik ook Harry's clip van Henk Westbroek (en nog een Henk) met zijn "Sinterklaas, wie kent hem niet?". Ik heb daar in mijn vorige brief "Zwarte Piet, wie kent hem niet?" van gemaakt, ook leuk toch?
Terzijde, bij Harry kun je met terugwerkende kracht ook terecht voor de strijd om de erfenis van Udo Jürgens (o.a. van "Merci, cherie", "Griechischer Wein") na diens dood in 2014. Het zou om zo'n 80 miljoen gaan. Harry zat met Greetje onlangs in Wenen en vertelt ook over een praatje van een gids bij het graf van Falco. Die vergeet compleet te vermelden dat de Hollandse broers Bolland heel erg mee verantwoordelijk kunnen worden gesteld voor het wereldsucces van "Rock me, Amadeus" en later "Jeanny". Zowel Udo (Brekelmann) als Falco (Hans Hötzel) liggen in Wenen op het kerkhof. Twee andere pophelden van de stad zijn Anton Karas met "Der dritte Mann" en Cochita Wurst met haar recente songfestivalhit. Voor de rest valt de stad vooral te prijzen voor wie van klassieke muziek houdt.
Een ander recent popartikel van Harry gaat over de luttele jaren dat de Animals in Engeland (en daarbuiten) furore maken. Het grote succes begint, als zanger Eric Burdon in 1963 toetreedt tot de Alan Price (toetsenist) R&B Combo. Net als de Rolling Stones heeft de nieuwe groep uit Newcastle, The Animals, veel oog voor zwarte Amerikaanse bluesmuziek. De eerste single "Baby, let me take you home" schiet al aardig in de roos. Dan komt in 1964 "The house of the rising sun" uit, een nummer van hun eerste album. Het is zegge en schrijve in één "take" opgenomen en schrijft echt wereldgeschiedeis. Tot op vandaag de dag kun je het nog geregeld horen. Op de LP met "The house of the rising sun" staan ook andere onvervalste bluesnummers zoals van John Lee Hooker "Dimples" en "Boob boom" en van Fats Domino "I've been around". Prachtig allemaal! In 1965 volgt nog een mooie tweede LP en "Don't let me be misunderstood" en dan is het helaas alweer "vorüber". Alan Price houdt ermee op, vanwege onderlinge ruzie, o.a. over de verdeling van de inkomsten en ook zijn vliegangst. Einde Animals!

Gaan we naar mijn "Zondag met Lubach" uitje van 1 december j.l. De kleinere onderwerpen betreffen die keer een verhaaltje over staatssecretaris Menno Snel en problemen met de kinderopvang en ook mag ik opnieuw kijken naar de carrière van Frans Timmermans, nu de Europese man voor het klimaat. Lang geleden maakte hij nog reclame voor roltrappen, was hij uitvinder en speelde hij de cabaretier. Toen die loopbanen in het slop raakten, kwam hij uit zijn politieke schulp en werd hij eerst Minister van Buitenlandse Zaken en sindsdien is hij een prominente EU-staatsman.
Veel amusanter vind ik uiteraard Lubach's uitval naar mensen met een bladblazer. Het is herfst en dan zie je "allerlei rare blaadjes op de grond". Daar moet nodig iets aan gedaan worden, legt de industrie ons in de mond. Die wil ons best zo'n herrie-apparaat aanpraten en veel mensen trappen er nog in ook.
Lubach's hoofdonderwerp op 1 december betreft het nieuwe shoppen op het internet: speelgoed uit China. De firma Ali Express, een tak van de Chinese winkel Alibaba, verovert o.a in Nederland een steeds groter deel van de markt. Dat komt vooral, omdat het Chinese speelgoed maar een kwart kost van wat wij gewend zijn ervoor te betalen. Keerzijde van de medaille is dat de Chinese producten vaak van veel mindere kwaliteit zijn, soms is het ook gewoon bedrog of puur jatwerk. Een enkele keer is de Chinese variant ronduit gevaarlijk en garantie krijgen ho maar (maar het zogenaamde keurmerk lijkt wel sprekend op ons C € logo). Controle op het Chinese speelgoed is haast niet meer te doen, nu er dagelijks zo'n 70.000 pakjes Nederland binnenkomen. Dan staat zelfs staatssecretaris Mona Keijzer machteloos.
Mag ik ook de volgende keer mijn Lubach-zegje weer doen?

De verjaardag van Sinterklaas vieren, "dat gief ´t hei neet". En toch, denk vooral niet dat er vandaag op vrijdag hier gewerkt wordt. Op 6 december is het hier "Día De La Constitución Española". Dat is een nationale feestdag (maar details kan ik jullie helaas niet geven). Domper op de feestvreugde vandaag is dat af en aan de regen naar beneden gutst. Gisteren was het overigens nog erger. (Tussen de buien is het droog, roep ik dan maar.)
Laat ik mijn dag maar eens beginnen met Trudie in het muziekzonnetje te zetten vanwege haar prestaties als keukenprinces de afgelopen week. Ik heb een driedubbele CD met 60 Duitse succesnummers door de jaren heen, vanaf 1925. Het doosje heeft de naam "Van Du Tot Da Da Da" meegekregen en komt uit de koker van kenner Vic van de Reijt. Laat ik daar maar eens een greep uit doen om Trudie te plezieren. Ik heb zelf het meeste op met de eerste van de drie, over de periode 1925-1963. Zal ik die maar eens voor jullie (en voor Trudie) opzetten? Hier zijn alle twintig nummers:
1.01. Ich hab' mein Herz in Heidelberg verloren – Heinz Lind Maria 1925
1.02. Mackie Messer – Dreigroschenoper 1928
1.03. Ich bin von Kopf bis Fuss auf Liebe einfestellt – Marle Dietrich 1930
1.04. Solidaritätslied – Ernst Busch 1932 1.06. Kan denn Liebe Sünde sein – Zarah Leander 1938
1.07. Lili Marleen – Lale Andersen 1939
1.08. Heimweh nach dem Kurfürstendamm – Hildegard Knef 1949
1.09. Ich hab'noch einen Koffer in Berlin – Marlene Dietrich 1951
1.10. Heimweh – Freddy Quinn 1956
1.11. Titititipso – Caterina Valente 1957
1.12. Banjo Boy - Jan & Kjeld 1959
1.13. Kriminal Tango – Hazy Osterwald Sextett 1959
1.14. Seemann, deine Heimat ist das Meer – Lolita 1960
1.15. Tanze mit mir Zin den Morgen – Gerhard Wendland 1960
1.16. Junge, komm bald wieder – Freddy Quinn 1962
1.17. Zwei kleine Italiener – Conny Froboess 1962
1.18. Ein kleines Kompliment – Louis Neefs 1962
1.19. Ich kauf' mir lieber eien Tirolerhut 1962
1.20. Aber schön war es doch – Hildergard Knef 1963
Dit is toch een serie waar je U tegen zegt. "Mackie Messer" en het "Solidaritätslied" zitten erbij, Caterina Valente mag met "Tipitipitipso" meedoen en kennen jullie "Banjo Boy" van Jan & Kjeld nog?
Ik weet het, op de twee latere CD's staan tussen het Duitse kaf ook enig koren ("pasas entre el escombo") zoals "Monja" van Roland W uit 1967, "Gute Nacht, Freunde" van Reinhard Mey uit 1974, "Skandal im Sperzik" van de Spider Murphy Gang uit 1981 en "Geh' nicht in die Stadt (heut' Nacht)" van Juliane Werding uit 1983. Niettemin blijf ik een voorkeur houden voor de echt oude nummers. Het is een echt memorabel stel schlagers!

Met mijn "novia" heb ik al dagenlang ruzie (in het nette) over iets op het balkon bij mijn overbuurvrouw. Ik heb haar met haar grijze permanentje en Hema-schort hier al eens vernoemd, als ze zelfs ook haar kleine stukje buiten bijna dagelijks een beurt geeft. Haar man is helaas naar beneden verbannen om zijn sigaretjes te roken. Intussen poetst en stoft zij nog steeds of we in de jaren vijftig zitten.
Op haar balkon zie ik een aantal planten en een lichtgroene mop staan, of liever hangen. Jullie weten dat het woord "mop" niet onder één hoedje te vangen is. Het staat voor een grap, ook voor een leuk meisje, moppie, maar volgens mijn Van Dale is het ook een zwabber. Ik heb een variant ervan zelfs hier zelf in huis.
Trudie verklaart me voor gek en haalt zelfs het internet erbij om mij erop te wijzen dat het absoluut geen mop, "mopa" is, maar een hangcactus. Hangcactus? Ik weet haast zeker dat het gemeenschappelijkste kenmerk van cactussen is dat ze rechtop staan. En toch, de twijfel slaat toe.
Nog vóór 10 uur neemt Trudie de streekbus naar het zuiden om daar nog een stuk of tien geocashes te gaan scoren. Ik heb rust tot ongeveer 6 uur en heb daarmee alle tijd om (o.a.) aan deze weglogbrief te schrijven. (plus morgen Sonia's oordeel te vragen over het lichtgroene hanggeval aan de overkant).

We vieren Trudie 's laatste avondmaal bij La Oliva op de boulevard. Eerst wordt er bier van het eiland gedronken en dan gaan we met nieuwe "jarras" allebei voor de vissoep ("sopa de pescado") gevolgd door vis zonder graten (Trudie) en hamburger (ik) met "papas fritas". Een uur erna wacht op het balkon nog een liter overheerlijke chocoladevla (met een overvloed aan cacao - daar kan die van Albert Heijn een puntje aan zuigen.)

Op de zaterdag staat Sonia zoals afgesproken om 10 uur voor de deur. Voordat ze druk aan het poetsen slaat, vragen Trudie en ik haar zo neutraal mogelijk wat het groene geval aan de overkant nou is. Zonder probleem vertelt ze dat het niet om een "mopa" of een "fregona" gaat, maar om een hangcactus.
Terwijl Trudie zielstevreden voor de laatste keer nog eens de boulevard opzoekt, bedenk ik dat je, als je verloren hebt, je je verlies ook moet nemen. Hoe komt iemand er in godsnaam bij om een hangcactus over de rand van zijn of haar balkon te gaan hangen?
Laat ik mijn verlies maar goedmaken door jullie te bestoken met twee lettergrepen woorden die op "mopa" rijmen. Ze dienen wel te kloppen als een bus. Bijv. "zopas" (iemand die slist) en "nopal" (nopcactus) zijn fout. Ik kom tot een zevental, als ik de twee van opa apart tel, zefs acht.
Daar gaan we. Het Spaanse "opa" staat voor sullig, maar ik ken het niet. Met hoofdletters, "OPA" is het een overnamebod, bij mij evenmin bekend. Dan mag ik nu door naar woorden die me wel bekend voorkomen. Ik kom allereerst bij "copa". Dat is Spaans voor een glas en een beker en voor wie dat aangaat, ook een voetbalbeker. "Estar de copas" staat voor op stap gaan en de jaarlijkse winnaar van het bekervoetbal in Spanje verdient de "copa del Rey". "Dopa" is een woord dat hier niet bestaat, maar "hopa" wel. Dat is Zuid-Amerikaans voor hallo en voor laat dat.
Verderop in het alfabet vind ik uiteraard "popa" terug, dat vooral voor achtersteven en achterwerk staat. In Aguïmes hebben ze volgens eigen reclame "el viento en popa", de wind in de rug. Uiteraard kennen jullie ook het woord "ropa", Spaans voor kleding. Als die "usada"is, is het tweedehands en "ropa vieja" is het gerecht van alle restjes van vorige dagen die je nog in de koelkast kon vinden. Dan ben ik alweer bij "sopa", zoals onze prima vissoep. "sopa de pescado" bij La Oliva gisteravond. Een uitvreter "come la sopa boba", leeft op andermans zak. En dan is hier alweer mijn laatste rijmwoord; "tropa", groep. "Estar de tropa" is onder de wapenen zijn en stoottroepen (wat dat nog voorstelt heden ten dage) zijn hier "tropas de asalto".

Ik ben er eindelijk doorheen, "afortunadamente".

Als Sonia verschwunden is om half 1, eet ik met Trudie eerst een kippetje met gebakken aardappelen, dan zijn overgebleven yoghurtjes aan de beurt. Om half 3 breng ik haar naar de streekbus om haar om kwart voor 3 uit te zwaaien. Op de terugweg naar huis vraag ik me serieus af, wanneer ik mijn eerste portie zuurvlees soldaat wil gaan maken. Of zal ik mijn eerste bal gehakt alvast gaan ontdooien?

´s Middags belt Eva mij op om me te vertellen dat het heel slecht met Greetjes gezondheid gesteld is. Een eerdere operatie heeft geen soelaas geboden en welbeschouwd is ze opgegeven. Verdere behandeling zou weinig of geen zin meer hebben. Ik bel daarna ook met Harry en krijg hezelfde naargeestige bericht.
Ik ga ´s avonds de deur niet uit en hang een paar uur voor de televisie. Soelaas biedt het apparaat niet. Mijn balkon is toch een beter bijkompunt. Daar lees ik mijn eerste boek van de week helemaal uit.

Eerlijk is eerlijk, veel zin om de week voort te zetten alsof er niks aan de hand is, heb ik niet. Vooruit, laat ik niettemin toch nog maar nieuwe muziek uit het land van mijn oosterburen opzetten. Van de zomer kon ik op Centre Ceramique de laatste nieuwe van Rammstein (titel: "Rammstein", uit 2019) lenen en hier is hij:
01. Deutschland
02. Radio
03. Zeig dich
04. Ausländer
05. Sex
06. Puppe
07. Was ich liebe
08. Diamant
09. Weit weg
10. Tattoo
11. Hallomann
Al tijden wacht ik op het moment dat ik een rekenkundige reeks nummers kan aanbevelen als uitschieters naar boven. Nu heb ik er een. Mijn voorkeur op "Rammstein" gaat uit naar de liedjes 1, 3, 5, 7, 9 en 11. Ik voeg daar wel nog aan toe dat liedje 1 echt iets bijzonders heeft. Jullie weten toch wel dat de nationale Duitse hymne "Deutschland, Duetschland über alles" na de tweede wereldoorlog niet langer in orde was volgens de overwinnaars van WOII. Daarvoor in de plaats is toen een ander lied gekomen, waarvan ik de titel zo vlug geeneens weet, laar staan dat ik het nummer kan meezingen.
In 2019 opent Rammstein zijn "Rammstein" met het nummer "Deutschland", dat het oude keizerrijk, of is het derde rijk, weer een beetje in ere herstelt.

Met Trudie heb ik het de afgelopen week uitgebreid gehad over hoe weinig wij eigenlijk weten van een lang als de Filipijnen. Nu bar Manila in mijn straat het probeert met karaoke, neemt mijn belangstelling voor de cultuur van het land wel toe. Hoeveel mensen zouden er eigenlijk wonen. Trudie kan zo iets zelfs opzoeken op het balkon (terwijl ik ervoor naar beneden moet, omdat ik daar pas wifi heb, van Carlos). Het land of liever de eilandengroep, in totaal 7640 stuks, ten oosten van Vietnam en ten noorden van het Indonesische Borneo en Sulawesi, telt maar liefst 105 miljoen inwoners. Of je een emmer leeggooit! De hoofdstad Manilla (in het Engels en Spaans met één l) ligt op het meest noordelijke eiland, maar het stikt van de andere grote steden. Hebben jullie überhaupt wel eens gehoord van Cabu of Davao? Die zitten (in mijn atlas van twintig jaar terug) ook boven de half miljoen.
Dan ga ik me uiteraard afvragen welke andere landen boven de 100 miljoen inwoners hebben. Het zal wel gemakkelijk op te zoeken zijn op een CBS-site of dergelijke, maar ook die heb ik boven in mijn "piso" niet paraat. Heeft bijv. Rusland meer dan 100 miljoen inwoners? En Turkije?

Op de maandagmorgen mag ik weer eens constateren dat het voor heel wat Palmenses (goed zo!) nog een vrije dag is. Dat komt, omdat de Kerk van Rome 8 december als bijzondere dag geclaimd heeft: Immaculada Concepción, Maria Onbevlekte Ontvangenis. Voor wie het niet weet of vergeten is, Maria is volgens de bijbel de moeder van god's zoon. Nu die heilige dag op een zondag valt, zijn bijv. de scholen op de maandag gesloten. Als ik om kwart over 8 op het balkon ga staan, is er geen kind met ouder voor de deur te bekennen. De café's bij mij beneden zijn wel open en later op de morgen ook de parfumerieën en dergelijke. Het zoontje van Francesco en zijn miep, in de leeftijd van Yves uit Amby, helpt mee in de zaak.
De schilders die bijna klaar zijn met hun werk boven schoenenzaak Avril, laten in alle vroegte ook hun neus al weer zien, om de puntjes daar op de denkbeeldige i te zetten. Zo waar – dat zal Trudie met terugwerkende kracht leuk vinden – wordt bij het scheiden van de markt het stukje links boven in het flatgebouw alsnog in de verf gezet. Volgens ons zou het beter eerst gestuct kunnen worden, maar daar maalt de daar dienstdoende schilder niet om. Met een kwast op een stok bestrijkt hij de kale plek met zijn toepassenlijke gele verf. Als die verf maar zitten blijft!

's Middags belt Eva weer. Ze is net bij Harry & een apathische Greetje op bezoek geweest.

In de nacht van maandag op dinsdag wordt Greetje vanuit Oegstgeest naar het LUMC gebracht, als ze thuis geen lucht meer krijgt. Er is vandaag, dinsdag, een nieuw gesprek met de behandelaars. Dat kan haast alleen maar "terminaal" eindigen.

Op de dinsdagavond moet Ajax het in Amsterdam opnemen tegen Valencia. Hier stemmen de terrassen liever af op Inter Milan tegen (het tweede elftal van) Barcelona Zelfs voor de rol van Ajax aan de Champions League is dit niet mijn dag. Ajax verliest met 0-1 door een doelpunt in de eerste helft van Rodrigo. Op "Gol" thuis voor de buis zie ik het later op de avond de nodige keren voorbijkomen.
Wie is toch de nummer 3 van Ajax die doodleuk naar het Ajax-doel terugloopt, zodat maar liefst drie Valencia-spelers niet buitenspel staan?

Helemaal zeker ben ik niet over wanneer jullie mijn volgende brief tegemoet kunnen zien. Ik ga morgen nog eens met Harry bellen en dan regelen om naar Nederland af te reizen. Tot kijk, hasta luego, PaulK.

BOEKENBIJLAGE

Daniel Cole is nieuw voor mij als schrijver. De jongeman uit het Zuidwesten van Engeland, geboren in 1983, heeft intussen al enkele thrillers op zijn conto staan. Min of meer willekeurig begin ik aan "Marionet", uit 2018. Het speelt in Londen en New York. Hier is mijn oordeel erover.
Eerst geef ik maar weer een idee waar het boek overgaat. Emily Baxter is hoofdinspecteur bij de Londense Metropolitan Police. Ze raakt verzeild in een drama dat zich om te beginnen vooral in Manhattan afspeelt: een aantal mensen wordt daar vermoord, waarbij tevens steeds een tweede persoon wordt meegeslachtofferd. De slachtoffers hebben het woord "pop" of "lokaas" op hun borst gekerfd staan. Baxter staat in New York nog een beetje op het tweede plan, achter FBI-vrouw Elliot Curtis en CIA-man Damien Rouche (spreek uit zoals douche). Als we de finale daar gehad hebben, met een ware slachtpartij in en vlakbij een kerkje aan Times Square, keert Baxter terug naar Londen. Rouche is in die stad opnieuw van de partij. Dan gaat het daar "loos", eindigend in een strijd op en om enkele metrostations, vooral Piccadilly Circus. Een groep onder leiding van iemand die ik hier "Azazel" zal dopen, probeert met moorden aandacht te vragen voor de eigen ellende.
Aardige bijrollen bij de politie zijn er voor Alex Edmunds, Finlay Shaw en laat ik Baxter's vriend Thomas Alcock niet te kort doen. Bij de tegenpartij kan ik niet om Alexei Green en later ook Lucas Keaton heen.
Ik heb een leesfout gemaakt. Van Daniel Cole had ik eerst "Ragdoll" moeten lezen, voordat ik aan "Marionet" begon. Niet alles wat ik nu voorgeschoteld krijg, kan ik direct plaatsen. Het zij zo, maar toch vind ik "Marionet" maar een matig boek. Als recensiecijfer heb ik er niet meer voor over dan een 6½, vooruit een 7- vanwege mijn omissie. Ik spreek hier wel uit dat ik Daniel Cole later nog eens een nieuwe kans zal geven door "Ragdoll" ter hand te nemen.

Er is maar één Ilja Leonard Pfeijffer, de voormalige leraar Latijn & Grieks, nu 40+ en schrijver/dichter. Hij heeft al zo'n 40 boeken op zijn naam heeft staan. Vorig jaar verscheen zijn "La Superba", dat terecht met de Nederlandse publieksprijs bekroond werd. Ik heb dat boek hier eerder lovend besproken. Nu ligt zijn "Grand Hotel Europa" al weer een tijdje in de boekwinkel (en ik had een een nieuwe publieksprijs best op zijn plaats gevonden). Het speelt opnieuw in Genua, waar hij woont, maar ook in bijv. Venetië.
Er spelen een paar verhalen door elkaar. Eentje gaat over de tijdelijke relatie van de schrijver met Clio, een jonge kunsthistorica. Hij ontmoet haar bij een lezing in Genua en woont daarna een tijd met haar samen in die stad. Dan verkassen ze naar Venetië, vieren tussendoor vakantie in Portovenere en eindigen hun relatie in Abu Dhabi, als Clio daar een baan accepteert. Tussendoor gaat Ilja Pfeijffer een paar keer naar Nederland, voor een toneelstuk van zijn eerdere boek en een documentaire filmproject met o.a. ene Marco. De mooie Clio is een kenner van vooral het werk van schilder Caravaggio (1572-1610). Die zou vlak voor zijn dood nog een schitterend drieluik hebben gemaakt (voor Scipione Borghese) om daarmee zijn doodvonnis teniet te doen. Het middenstuk: een biddende Maria Magdaena - of is het Caravaggio zelf? - doet boete in de woestijn, is zoek. Clio & Ilja gaan er "als spel" naar op zoek op een aantal plaatsen. Vinden ze het ook?
Pfeijffer vertrekt na zijn korte verblijf in Abu Dhabi naar het Grand Hotel Europa - ligt dat in Noord-Italië? - om bij te komen van zijn afgebroken relatie met Clio en er een boek over te schrijven. In het hotel komt hij in contact met mensen als Albane, Volonaki en Patelski. Ook het personeel in de persoon van Montebello (majordomus) , Abdul (piccolo) en nieuwe eigenaar Wang met zijn tolk ziet hij geregeld. Wang wil het nog zeer traditionele hotel moderniseren, voor nieuwe Chinese toeristen aantrekkelijk maken, door o.a. een zaal om te bouwen tot Engelse pub. Het boek eindigt met de dood van de vorige eigenares die nog altijd in het hotel woonde.
Tussen de twee verhalen door krijg ik een uitermate boeiende beschrijving van de vele nadelen van massatoerisme, zoals we dat heden ten dage kennen (en waaraan ik me ook een beetje schuldig maak). Volgens Ilja Pfeijffer en ook zijn kompaan Paretski is er veel fout aan het volkomen uit de hand gelopen toerisme in Venetië, Rome, Cinque Terre, Amsterdam, Giethoorn en noem maar op. Een terugkerende zin is: "Toerisme maakt kapot waardoor het wordt aangetrokken". Meer dan de twee verhalen is het boek een afgeven op de hordes in korte broeken en bloemetjesjurken die zich overal de baas wanen. Ons Europese continent teert nu vooral op zijn verleden, met zijn ruïnes en aangelegde natuurtuinen. Het is een historisch themapark geworden. Met prijsvechters gaan we steeds meer op reis naar bezienswaardigheden elders en worden intussen overspoeld door X miljoenen mensen die op een selfie willen staan met de Mona Lisa, de Rialtobrug en een Giethoorns bootje.Terzijde voegt Ilja Pfeijffer nog als ontboezeming zijn (minstens) acht types toeristen op. Zelf vindt hij zich (als halve allochtoon in Genua) vooral iemand van wie je niet mag merken dat hij Hollander is.
Voor mij is "Grand Hotel Europa" een pracht van een boek, mede ook omdat het zo'n goede beschrijving geeft van wat ons de komende decennia vanuit landen als China, India en Brazilië nog aan massatoerisme te wachten staat. Moet de overheid, nu de middenstand vooral in het verdienmodel denkt, niet allerlei toerisme gaan ontmoedigen, zelfs verbieden? Ik kom tot een volle 9 als recensiecijfer voor "Grand Hotel Europa". Het is hoog tijd om ook vroegere boeken van Ilja Pfeijfeer te gaan lezen.

donderdag 5 december 2019

Weblogbrief 15.05, 5 december 2019

Weblogbrief 15.05, 5 december 2019

Queridos amigos y familia, dir wordt een brief met twee gezichten. Tot zaterdagmiddag 6 uur of daaromtrent heb ik het rijk nog alleen. Dan stapt Trudie uit de streekbus of stadsbus hier en wordt er van alles van me verwacht. Het zij zo! Laat ik net doen of dit een gewoon kattebelletje is, zoals mijn eerder brieven deze winter, maaar of het ook zo is?

We schrijven met terugwerkende kracht vrijdag 29 november, als ik op de heenweg per bus naar mijn onderkomen in het universiteitsgebouw langs het nieuwe paleis van justitie kom. Dat bestaat uit vier hoge flats, die bijna tegen elkaar aan zijn gebouwd, met een doorgang tussen de flats op één hoog. Tegenover het paleis is langs de straat een café-terras met de gezegende naam: La Palmense. Het zal wel iets met palmbomen van doen hebben, maar wat precies? Die zoeken we op. Het staat voor "uit Las Palmas de Gran Canaria". Ik ben met het woord niet bekend, heb het ook niet horen zeggen op de banken of terrassen hier, maar nu weten we het. Mensen van hier horen zich "Palmenses" te noemen.

"Op het werk" in zuid word ik welkom geheten door twee jongedames, die - zo blijkt gaandeweg – vanmiddag liever in de kantine elders verkeren dan ijverig aan hun scripties of wat het is te gaan zitten sleutelen. Ik post en print mijn vorige brief en neem daarna de moeite om alle diverse mailtjes te beantwoorden. Leuk! Blijf vooral berichten sturen, dan heb ik iets om op te reageren.
Harry heeft nog geen nieuw stuk over Boedapest op zijn site staan en ook zijn artikel over (de vader van) een oud-eindredateut van Oor laat nog even op zich wachten. Dus doe ik het deze keer met zijn clips van de afgelopen week. Daartussen herken ik uiteraard de Village Stompers met "Washington Square", uit 1963, toen zat ik nog op de middelbare school. Meer nog heb ik op met ene Brandi Carlile met haar versie van "Folsom Prison Blues", de evergreen van Johnny Cash. Get toet toet van de trein komt in 2010 feilloos uit haar keel. De winnaar is deze week Ben Hester en zijn groep van vijf die in 2013 hoge ogen scoren, ook bij mij, met hun "In The Sweet By And By". Ik ga mijn best doen om die Ben Hester meer muziek af te troggelen.
Rest me nog te zeggen dat ik het nummer van Billie Eilish niet heb kunnen horen, omdat het alweer van YouTube is verwijderd.

Dan is het weer tijd voor de strapatzen van Arjen Lubach en zijn maten, nu op 24 novenber j.l. Een mededeling van de omroep dat "Zondag Met Lubach" deze keer vanwege de schokkende beelden over dierenleed naar de nachtelijke uren (22-8 uur) is verbannen, laat ik maar voor wat ze is. Met weinig extra moeite krijg ik de diverse onderwerpen toch wel in beeld (om vier uur 's middags).
Het kleine werk kan me – helaas, opindakaas – deze keer niet zo boeien. Wat moet ik in Las Palmas met treinen in Noord-Brabant die door twee tieners beschoten zouden zijn. Ook loop ik hier niet warm voor de schmink op het gezicht van Pieten: roetveeg of – op een keur aan locale tv-zenders – toch weer traditioneel zwart. Zelfs de popcast van Sesam Straat Tommie is niet waarop ik hier zit te wachten.
Vooruit, we hebben nog 19 minuten te gaan, tijd voor het hoofdonderwerp. Dat gaat over het slachten van dieren in "ons lage landje aan de zee". Er worden per dag zo'n 1,7 à 1,8 miljoen dieren van enige omvang geslacht. Per jaar gaat het om zo'n 2 miljoen runderen, 16 miljoen varkens en 623 miljoen kippen/hanen. Even natellen: 641: 365=1,75, het klopt als een bus of voor wie dat prefereert: een zwerende vinger. Om een verder enig idee te geven van wat er in die sector gebeurt: de kippen worden massaal opgehangen en onthoofd, met het afmaken van de runderen gaat het ook niet altijd comme il faut (denk ik maar), terwijl de varkens half vergast vergast worden in een overmaat CO2 en dan gestript en open gesneden. Nu maar hopen dat de darm niet aangeprikt gaat worden, want dan is het poepvlees (en dat kunnen we niet hebben, als we bij de slager of supermarkt een duur onsje salami of chorizo kopen).
Voor de controle dat alles goed gaat, is de NVWA verantwoordelijk, de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit. Er zijn daar zo'n 350 controleurs in het veld in de weer, allemaal met een afgeronde studie dierengeneeskunde. Er blijken helaas best verschillen te zijn in de ijver van die veterinairen. Sommige zijn zeer bereid om op zijn tijd een oogje dicht te knijpen en ook geen boetes uit te delen, als ze al niet geïntimideerd worden door de vleessector. Mensen van de NWVA bellen de slachthuizen soms zelfs van tevoren op, als een zich wel aan de regels houdende controleur een bezoek gaat brengen. Dan kunnen de zieke runderen beter even buiten beeld gehouden worden.
De toch al geplaagde minister Carola Schouten van landbouw en dierveiligheid ziet het met lede ogen aan en belooft de Tweede Kamer onlangs weer eens beterschap.

Ik en met mij de meeste mensen vinde het wel lekker om geregeld een stukje vlees of kip te consumeren. Of ik het zo erg vind dat de varkens er een half minuutje over doen, voordat ze door het CO2 compleet van de wereld raken, dat vind ik persoonlijk en wonderwel nog wel meevallen. Echter, de diverse echte misstanden op weg naar en in de slachterijen zouden m.i. wel per acuut verboden moeten zijn, met bij overtredingen veel meer represaille dan een waarschuwing of een boete.
Ik begrijp intussen dat diverse voor- en tegenstanders van de slachtpartijen zich de afgelopen week met verve hebben laten horen. Laat ik daaraan voor mezelf toevoegen dat ik het dierenwelzijn zo belangrijk vind dat ik al jaren lid ben Wakker Dier. Zelfs heb ik bij verkiezingen de laatste keren op de Partij voor de Dieren gestemd, hoewel de interne ruzie binnen die partij me wel aan het denken heeft gezet of ik daar wel mee door wil gaan.
Ik eindig dit stuk met een vraag: waarom is het eten van vis minder smerig dan van vlees? En wat zou er gebeuren, als we zouden ontdekken en openlijk toegeven dat planten het ook niet leuk vinden om bijv. gekookt en dan op tafel gezet te worden?

Terug in mijn parkje in La Isleta zit ik ruim een uur te lezen in mijn eerste boek van deze week. Wat is het mooi! Dan kan ik het weer niet laten en kijk in het naburige bibliotheekje de kranten door. Het voetbal levert niet veel nieuws op, maar PSV ligt er Europees wel definitief uit, na een 4-0 nederlaag bij Sporting Lissabon. Wonderwel lijkt Boris Johnson lijkt af te stevenen op een absolute meerderheid bij de verkiezing op 12 december. Is rechts tefenwoordig ook in het Verenigd Koninkrijk veel groter dan links?
En dan is er uiteraard nog weer Donald Trump, nu 73 (wat ik in mijn vorig brief vergeten was te vertellen). Hij heeft tot grote ergernis van China partij gekozen voor de mensen in Hong Kong, die meer "Britse" vrijheid willen. En of het niet op kan, wil Trump ook nog eens aan tafel gaan zitten met mensen van de Taliban in Afghanistan om over vrede te praten. Saai is de man absoluut niet, dat moet ik hem nageven. Tegelijkertijd ziet hij de politiek m.i. veel te veel als een serie zakelijke, financiële transacties, handel. Geld is niet alles!

Op zaterdag begin ik mijn dag met de kreet: "Ni fu ni fa" op te zoeken, die ik hier gisteravond hoorde. Mijn dictionair zegt me dat het "vlees noch vis" betekent, ook wel "het maakt niks uit". "Hacer fu" is wegvluchten, dus zal dat "fu" wel van "fugarse" komen.

Dan heb ik iets goed te maken. Toen ik op 9 november hier in Las Palmas aankwam, was de WOMAD, het jaarlijkse muziekspektakel hier, in volle gang. Daar zag ik een drietal muzikanten uit Glasgow in Schotland echt de kachel aanmaken. Ze noemden zich TALISK en hebben me toen met hun folkmuziek (?) echt de stuipen op het lijf gejaagd. De leider en smaakmaker had een mini-accordeon in zijn handen en heette Mohsen Amini. Hij werd geflankeerd door een dame op viool, Hayley Keenan, en een niet praatgrage gitarist genaamd Craeme Armstrong. Ik heb genoten.
Thuis in Maastricht heb ik toen natuurlijk gezocht of ik muziek van TALISK kon vinden. Blijken er bij Muziekweb twee CD's in de schappen te liggen: "Abyss" uit 2016 en "Beyond" uit 2018. Die laat ik hier om mijn euvel goed te maken allebei de revue passeren, ongecensureerd en in volle glorie:
Abyss: 1.Abyss
2.Pict
3.The knife
4.The hills
5.Echo
6.Waterfall
7.Crossing
8.The millhouse
Beyond: 1.Montreal
2.Crooked water valley
3.Servian dreams
4.Cabot trail
5.Farewell
6.Liddesdale
7.Rations
8.Beyond
TALISK is niet zo'n groep waarbij je vóór alles op zoek gaat naar de beste nummers. Het is op beide CD's meer een aaneenschakeling van klinkend enthousiame. Die Mohsen Amini is een figuur waarvoor ik echt warm kan lopen. Hoe die zich vorig jaar op de WOMAD afficheerde, daar krijg ik nu nóg de "sjevraoje" van. Wat was het optreden toen een feest en wat zie ik daarvan nog het nodige terug op de studio-muziek van het drietal.

Op kwart over 5, tien voor half 6 kijk ik weer eens op mijn telefoon beneden op de bank en dan vertelt Trudie me dat ze – "nog mer zjus op tied" – met haar koffertje in de bus naar Santa Catalina zit. Bij het mogen instappen op het vliegveld heeft ze nog een probleem met de chauffeur. Trudie heeft alleen maar een briefje van 50 euro paraat (plus te weinig kleingeld) en dat neemt hij niet aan. Een briefje van twintig euro, hoger dan dat is in de streekvervoer hier foute boel, trouwens ook in de stadsbus. Gelukkig is een Zweedse vrouw, die na Trudie ook nog op de valreep instapt, bereid om twee euro voor haar bij te leggen. (Die krijgt ze van mij terug op Santa Catalina.)
Onze eerste gang in LPA is naar Cafetería Nuevo Murias beneden bij mijn flat. De baas, Carlos, verwelkomt Trudie, alsof hij een oude liefde weer in zijn armen sluit en dan kunnen we ongegeneerd aan de halve liters Tropical. Het worden er drie per persoon, naast wat gratis knabbeltjes. Het hele circuit van gemeenschappelijke vrienden, kennissen en familie wordt doorgenomen, zeg maar doorgetrokken. Trudie wijst me erop dat ik in deze brieven beter niet over personen kan uitwijden, dus de roddels worden hier niet uitgeserveerd.
Om acht uur, half 9 gaan we "upstairs", waar ik met liefde een vlammetje onder mijn pan fenomenale groentesoep met ballen ontsteek. Trudie pakt haar koffertje uit en ik zet alvast de "tleure en lepele" op de keukentafel. Later, als we allebei ons tweede bord op hebben, gaat Trudie zich stante pede gereed maken voor de nachtrust (in mijn mooi opgemaakte bed). Om half 10 is ze al onder zeil.

Pas op zondagmorgen om half 9 komt ze weer boven water, na 11 uur slapen. Ze kijkt eens goed over de balkonrand om zeker te weten dat ze niet langer in het koude Maastricht is, maar neergestreken in Las Palmas de Gran Canaria, de zonnestraal van een eiland voor de zuidkust van Marokko. Onze gezamenlijke week begint aan zijn tweede dag.
We modderen wat aan tot een uur of 11 en dan mogen we naar de rommelmarkt, altijd leuk. Daarna is La Alemana op Sana Catalina aan de beurt en om half 1, als ze vers "integral" stokbrood bij Granier (alweer met i-e) heeft gehaald, gaan we terug naar mijn appartement voor de lunch. Daarna heb ik rust tot een uur of 5, totdat Trudie, koud en uitgewaaid op het strand, zich om komt kleden. Dan volgt het bier van La Oliva, afgemaakt met een goed verteerbare warme maaltijd bij Casa Chen, een Chinese zaak aan de boulevard. We eindigen met een stukje lezen in ons boek op het balkon thuis.
Om kwart voor 10, als voetbalwedstrijd Atlético Madrid tegen Barcelona bijna is afgelopen, klinkt het nodige enthousiame in de straat. Blijkt dat Barcelona nog de 0-1 heeft binnengetikt. Eerder die dag heeft Ajax bij FC Twente met 2-5 gewonnen, na eerst met 2-0 te hebben achtergestaan. En heeft "onze"Max zijn derde plaats in de eindrangschikking van dit formule 1-jaar veilig gesteld met een tweede plaats in Abu Dhabi. Alleen de twee Mercedes-coureurs zijn hem voorgebleven.

Maandagmorgen zit ik vanaf 8 uur weer aan de koffie, maar Trudie doet er nog een uur slapen bij. In haar eigen woorden: "Dan zal ik het wel nodig hebben".
Om half 12 lopen we over Las Canteras naar de Mercado De Puerto. Tussendoor doet ze nog even de "belén de arena", kerststal van zand, sinds zaterdag open voor het publiek, terwijl ik even op een bank mag uitrusten. Dan gaat het definitief naar de markt, waar visboer (Artilez) dicht blijkt te zijn en Trudie's favoriete slager ook. De markt is een beetje aan het omturnen tot een hal voor drankjes en hapjes in aansluiting op de diverse café's aan de noordkant. Net als vorig jaar komen wij op de maandagmorgen voor de twee klio "carne primera" en één kilo "carne molida" terecht bij de slager ernaast, die ook best te pruimen is. Voor onze zalm zijn we aangewezen op de HiperDino bij de markt.
Met twee best wel zware tassen boodschappen - Trudie heeft ook nog andere spullen ingeslagen – loop ik met haar terug naar huis en naar boven. Dan gaat ze aan de slag met spiegeleieren en ham (van Zwan) die we ons goed laten smaken. Vervolgens staat voor haar het srand weer op de rol en kan ik mijn leesboek gaan uitlezen.

\ ´s Avonds wordt er besloten dat we vandaag op het balkon aan onze aperitief mogen. Trudie haalt mijn fles Sangre De Toro uit de ijskast, moppert tegen me dat de wijn te koud is. (Ik riposteer dapper met te zeggen dat de kamertemperatuur hier te hoog is.) Dan trekt ze de fles met een kurkentrekker snel open.
Eerst gaan nog vijf gehaktballen in een pan om gebraden te worden. en dan komt ze bij me zitten met een eerste glas rode wijn en een bak chips. Af en toe vliegt ze wel nog even terug naar de keuken om de ballen eens om te draaien, voor een mooie bruine buitenkant. En toch, na minder dan een uur later staan ze al weer af te koelen op een grote schaal.
Mijn grote pan kan nu gebruikt worden om de hoofdmaaktijd klaar te maken: grote moten zalm met rijst, doperwten en tomaten. Die laat ik me inderdaad goed smaken een half uur later. Nu nog een toetje (van Kalisa) en dan kunnen we ongestoord op het balkon gaan zitten lezen. Wel hoort nu de twee kilo ronderpoulet in stukjes een nachtje in de azijn gezet te worden.

De dinsdag begint best wel apart. Als Trudie, nog vóór 9 uur en nog in pyjama, mijn twee kilo zuurvlees gedrenkt in azijn, samen met vier grote uien en twee pakjes kruiden in mijn grote pan heeft gedaan, blijkt ineens het vlammetje van het gasstel onder de pan uit te gaan. Ook de andere pitten geven geen sjoege meer. Ik word erbij gehaald en mag concluderen dat mijn butagasfles eindelijk leeg schijnt te zijn, na jaren lang zijn (spaarzame) heilzame werk te hebben gedaan. Wordt het u afzien? Gelukkig heeft Lluis nog eens een tweede fles butagas in huis gehaald. Die kan mij – als er niks mis mee is – alsnog nieuw gas verschaffen voor mijn vierpits gasstel. De oude fles wordt eenvoudig ontkoppeld, de nieuwe aangesloten en dan vlamt mijn fornuis weer als eeen fluitje van een cent.
Uren later, zelfs nadat Trudie beneden bij Carlos "café con leche y zumo de naranja" heeft gedronken en haar tabletversie van "De Nieuwe Limburger" compleet heeft doorgespit, komt ze weer boven (water) om te plassen en haar "zoervleis op ze Mestreechs" af te ronden met het toevoegen van een mega-hoeveelheid Limburgse rinse appelstroop. Als die goed door de brij is geroerd, is het nu alleen nog maar afkoelen en invriezen geblazen. Trudie verdwijnt prompt naar Las Canteras om daar anderhalf uur op haar strandstoel te gaan zitten uitblazen.
Ik mag nu dit laatste stukje voor jullie opschrijven en dan nog even dooorlezen in mijn tweede boek. Dat moet ik wel nog vóór donderdagmiddag zien uit te krijgen, zodat het nog in deze brief meekan.

's Avonds troont Trudie me eerst mee naar opnieuw La Oliva voor een halve liter bier en daarna mag ik op het balkon gaan lezen, terwijl zij deel 2 van een vismaaltijd thuis in elkaar brouwt, deze keer opnieuw rijst, erwtje en tomaten, maar met een stuk tonijn van (haast) drie ons per persoon. Dat is smullen. Ik krijg het nauwelijks op, zo veel en zo lekker.

Zal ik op de valreep nog een nieuwe CD inzetten? Nee, want op de woensdag zijn Trudie en ik de hele dag uithuizig. Al vóór half 11 wacht een bus van Global (TGC, Transporte Gran Canaria) in de kelder van Santa Catalina ons op voor een uitstapje naar het zuiden van het eiland, op bezoek bij het trio Marja, Claar en Cyntha. Na nog geen uur zijn we al bij Garbo's, in Bahía Feliz, mar dan komt er een stuk door Playa del Inglés met veel haltes en aanhoudend toeristen die naar Maspaloma mee willen. Dus staan we pas om 5 voor 12 op het bussstation daar. Eindelijk kan Trudie Marja bellen dat we bijna bij hun hotel RIU (met een kroontje) zijn aangekomen.
Claar staat al bij de slagboom van het hotel gereed om ons te verwelkomen en ons naar de balie te loodsen voor een groenblauw polsbandje. Daarop staat dat we vandaag zeer welkom zijn, maar "solo almuerzo", alleen voor het middageten, niet de avondmaaltijd. In de praktijk is het een vrijbrief voor eten en drinken ongeveer totdat het donker wordt (om half 7).
Marja en Cyntha worden op het grasveld "gepuund" en dan gaan de vier dames, Trudie incluis, aan de cava in de "Purple Bar". Alleen ik vind dat een glaasje spa ook in orde is in de nog vroege middag. Vanaf half 2 bezetten we een tafel buiten bij het immense restaurant van het hotel, "Las Dunas", en kan het middagmaal stap vooor stap geconsumeerd worden. Voor mij worden het achtereenvolgens: tomatensoep met frutseltjes, een koude vissschotel met ei, uitjes en groente, een warme vleesschotel (vooral stoofvlees) met nogmaals veel zure uitjes en ook komkommertjes en tenslotte (nog net vóór 3 uur) ijs met pudding en vruchtjes. Ik ben in tegenstelling tot de dames nog steeds aan de rode spa. Na het middageten vinden we een mooie tafel in het zonnetje bij de bar. Pas dan, niet eerder, bezondig ook ik me aan alcoholische drank, te weten drie mojitos op rij.

Vanaf zeg maar 12 uur tot het vertrek van Trudie en mij uit het hotel wordt er aanhoudend gekletst dat het een lieve aard heeft. Uiteraard zijn we begaan met Miep die vandaag op het azM door de mallemolen wordt gehaald. Daarna is het hele circuit van vrienden en kennissen aan de beurt om door de mangel te worden gehaald.
Naast ons zit een oudere vrouw met dochter uit het Belgische Turnhout, met wie we aan de praat raken en die er ook wat van kunnen. Blijkt de dochter een bekende triathlonloopster (geweest) te zijn. Natuurlijk weet ze ook van "The Iron Man" in Maastricht. Laat ik hier volstaan met te zeggen dat ik haar niet als een "diehard" vind uitzien, wel iets mannelijks vind hebben. Ze zal mij zonder twijfel de loef afsteken, als het op zwemmen, fietsen en rennen aankomt.
Trudie en ik zitten op de heenweg in de streekbus vooraan opzij van de chauffeur, wat ik best leuk vind. Je ziet nog eens wat, als je voor je uit door de voorruit van de bus kijkt. Op de terugweg vanuit het busstation van Maspalomas doen we het nog eens dunnetjes over. (Weetje vanuit een busvideo: eyeliners worden populair, als het graf van Toetank-amon (met eyeliner) in 1920 ontdekt wordt.) Om ongeveer 8 uur komt de Luis Morote weer in beeld.

Op donderdag 5 december zijn jullie natuurlijk al van de vroege morgen druk in de weer met je gedichtjes, die vanavond door de legio huiskamers gaan schallen. Wij van Las Palmas hebben wel wat beters te doen. Met Trudie haal ik op de Mercado Central o.a. een kilo goulashvlees, die Trudie nog voor me gaat prepareren. Zij wil me zaterdag niet onverzorgd achterlaten in dit subtropisch oord, waar het overigens aardig aan het waaien is.
's Middags mag ik een uurtje of wat naar de universiteit om deze vijfde brief op de bus te doen. Zou iemand van jullie hem al lezen voordat de avond valt en het "Hoor wie klopt daar, kinderen" met enige vrees gezongen wordt. Als je open doet, is er helaas niemand te bekennen, maar er staat wel een juten zak bij de deur. Laat die nou boordevol allerlei pakjes zitten, van piepklein tot flink groot. "Van je Zwarte, Zwarte, Zwarte Piet, wie kent hem niet...".
Mijn volgende brief kunnen jullie verwachten op woensdag 11 december, de dag voordat Boris Johnson in het Verenigd Koninkrijk de verkiezing glorieus gaat winnen en de Brexit definitief een feit wordt. Beste mensen, "keep smiling" en een beetje overdrijven is op surprisenavond toegestaan. Tot ziens, hasta luego, PaulK.

BOEKENBIJLAGE

Mijn eerste boek is er een van John Grisham, ik denk uit 1991 (maar dat weet ik niet precies, althans zie ik er geen aanduiding van op mijn e-reader). Het heet in het Engels: "The Chamber", wat naar het Nederlands vertaald is met "Het Vonnis". Het speelt vooral in Mississippi, in het stadje Greenville en twee grote steden ten noorden en zuiden ervan: Memphis en Jackson.
In 1967 heeft ene Rollie Wedge samen met Sam Cayhall twee kinderen en min of meer ook hun vader, de joodse advocaat Marvin Kramer, vermoord. Het zou in opdracht zijn gebeurd van een bekende Klucker (van de Ku Klux Klan) Jerry Dogan. Bommenlegger Rollie smeert hem na afloop en Sam, op de uitkijk, wordt even later gearresteerd, als hij in de buurt blijft rondhangen. Als hij vervolgens niks kwijt wil over eventuele companen, draait hij – na eerst twee onbesliste processen – uiteindelijk in zijn eentje voor de moorden op. Dat komt mede omdat Jerry Dogan bij het derde proces bereid is om tegen hem te getuigen en daardoor zelf als opdrachtgever buiten schot te blijven.
Vanaf 1981 zit Sam Cayhall in de "dodengang" van gevangenis Parchman te wachten op zijn gang naar de gaskamer. Is dat een reële mogelijkheid? In de tachtiger jaren zijn eerder in Mississippi (nog maar) vier mensen doodgebacht. Negen jaar later betreedt een net afgestudeerde advocaat het strijdtoneel, Adam Hall. Hij is, onder zijn vorige naam Alan Cayhall, de kleinzoon van Sam Cayhall en met zijn nu 26 jaar echt nog een jongeman. Weliswaar is hij een verklaard tegenstander van de doodstraf, maar voor Kluckers, inclusief zijn opa, heeft hij nooit enige sympathie gehad. Zijn eigen vader Eddie heeft destijds zijn familie verlaten en heeft later waarschijnlijk zelfmoord gepleegd, mede vanwege de KKK-last van de familie. Diens zus, tante Lee, is bij tijd en wijlen zwaar aan de drank en woont nu wel nog in de buurt, in Memphis.
Adam doet er echt alles aan om zijn opa Sam uit de dodencel de houden, krijgt daarbij ook hulp van enige collega's, maar heeft ook geduchte, machtige tegenstanders. In het boek wordt onstandig uit de doeken gedaan of de diverse inspanningen van Adam enig resultaat hebben.
"Het Vonnis" ("The Chamber") is een lijvig verhaal, met meer dan 500 bladzijden tekst. Hoe bestaat het dat John Grisham mij zo lang en toch zo indringend bij de les kan houden. Spannend is het verhaal zeker, tot het einde toe. Als recensiecijfer heb ik er zo maar een 8+ voor over. Ik prijs me gelukkig dat ik nog veel meer boeken van John Grisham op (e-reader)voorraad heb.

Boek 2 is er een van Robert Bryndza, een Engelse jongeman uit 1979, die vandaag de dag in Slowakije woont. Volgens Ellen en Trudie dien ik zijn vijf boeken te lezen, wel in de goede volgorde, te beginnen met "The Girl In The Ice", het meisje in het ijs, uit 2016. Daar begin ik dan maar eens aan. Het verhaal speelt grotendeels in Londen, vanuit het politiebureau op Lewisham Row.
Erika Foster is net aangesteld als inspecteur bij de Metropolitan Police, als ze al ruzie krijgt met een ander inspecteur, Sparks, en haar bazen commissaris Marsh en daarboven Oakley. De diverse rechercheurs onder haar, zoals lesbo (Kate) Moss en de zwarte Peterson, zijn wel erg van haar gecharmeerd. Stante pede krijgen ze opdracht om de moordenaar (m/v) te vinden van de 23-jarige Andrea Douglas-Brown, dochter van een stinkrijke zakenman. Die heet Simon, zijn vrouw Diana en ze hebben nog twee kinderen over: Linda en David. Andrea is/was bijna een jaar verloofd met ene Giles Osborne, de schatrijke baas van Yakka-evenementenbureau. Heb ik hiermee genoeg namen gegeven? Dan vertel ik jullie wel ook nog dat Andrea een verre van keurig leven leidde en naast haar verloofde graag verkeerde met andere mannen, onder wie ene George Mitchel, die eigenlijk Roemeens is en Igor Kucerov heet. De man zou al de nodige meisjes uit Oost-Europa tot prostituéé in Londen hebben gemaakt. Gelukkig vallen er genoeg dodelijke slachtoffers om van een echt "moordboek" te mogen spreken. Wie komt het meeste voor de daderrol in aanmerking?
Robert Bryndza doet zijn uiterste best om van Erika Foster een eersteklas senior rechercheur te maken. Of hem dat ook gelukt is? Ik vind "Het meisje in het ijs" wel aardig, maar niet meer dan dat. Echt spannend is anders en heel vlot vind ik het niet geschreven; het is aan de kinderlijke kant. Als recensiecijfer komt ik daarom niet verder dan een 7- voor dit boek. Een nieuw boek van Robert Bryndza lezen, zoals het tweede: "De Stalker In De Nacht", hoeft van mij even niet.

vrijdag 29 november 2019

Weblogbrief 15.04, 29 november 2019

Weblogbrief 15.04, 29 november 2019

Queridos amigos y familia, een beetje opluchting is het wel, nu ik een week heb om mijn vierde brief in elkaar te flansen. Het idee bekruipt me om het de komende dagen eerst eens rustig aan te doen. Geen poespas, alleen iets op te schrijven, als ik echt iets te vertellen heb.

Aan de andere kant, deze brieven zouden vooral gaan over wat ik zo al meemaak, het dagelijkse leven, en laat ik dus maar gewoon beginnen bij 22 november en dan stap voor stap doorgaan. Ik kijk uit bus 12 vlakbij El Corte Inglés en laat jullie dan al meegenieten van de etalage van een winkel, genaamd "Extensiones De Cabello. 100% Natural". In de zaak kun je echt alle haarstukjes en pruiken kopen die je hart begeert. Mijn vraag is of ik überhaupt met zo'n matje op mijn hoofd zou willen lopen.
Bij het gerechtsgebouw in Las Pamas-Zuid hangt een advertentie van de club die kinderleukemie nog verder wil terugdringen. Als blikvanger staat er een meisje bij met een wel heel kale kop. "La que tengo, se llama leukemia", is de adstructie en geloof maar dat de adventie klanten trekt. Hij hangt er al jaren, terecht. Misschien moet je als vrouw of man zonder haar, door een ziekte of je genen, gewoon doen; je hoort er gewoon nog steeds bij. Zelfs een hoedje op je hoofd lijkt me aan de overdreven kant.

Vlak voordat mijn favoriete bus de weg op draait naar het San José ziekenhuis, komen we langs een café met de naam "El Trujillo". Wat is dat nou weer? Is dat een beest, zoals een kip of voor mijn part een haantje de voorste? Ik kan de betekenis niet vinden in mijn dictionair. Laat ik het Sonia straks eens voorhouden.

"Op het werk" doe ik mijn ding, wat vooral bestaat uit mijn brief 15.03 posten en nummertjes 15.03 en 15.02 met terugwerkende kracht afdrukken voor mijn eigen bestwil. Dan doe ik mijn e-mail en bedien vooral Trudie en Harry deze keer. Trudie wil natuurlijk weten wat de reparatie aan mijn wasmachine heeft gekost (146 euri). Harry krijft opbouwend commentaar op zijn prachtige stuk over de geschiedenis van Boedapest. Er komt nog een deel 2 van hem over de Stalinistische en Orban-jaren. Als zijn verhaal daarover net zo goed is als dat over de eeuwen daarvoor, ga ik zijn "website" opnieuw bij jullie in de aanbeveling doen.

Om even over 4 bin ik terug op het honk en komt Sonia al aanzetten, vol goede moed. Ze brengt haar wangen in gereedheid, als ze boven aan mijn trap staat, voor twee "besitos". Dan vraag ik haar naar de betekenis van "trujillo". Dan blijkt dat ook zij onbekend is met het woord. Is het niet gewoon een "apellido", een achternaam of een bijnaam? Een "trujal" is een olijven- of druivenpers, maar dat lijkt er niet echt op.

Als Sonia eenmaal aan het "pótse" is geslagen, maak ik jullie erop opmerkzaam dat "Zondag Met Lubach" is pas weer a.s. zondag is en ik daar nog niks over te melden heb. Een voorspeller ben ik niet, zelfs niet van een cabaretprogramma. Dus verveel ik jullie nog maar eens met een reclame van 1Phone 11: "Tres hurras porque tenemos el mejor precio", staat er op een bord, drie hoeraatjes omdat wij de beste prijs hebben.
"Hurra", ook wel "viva", is het gangbare woord hier voor een hoeraatje. Zouden er ook equivalenten zijn voor een "High 5" en een boks, roept de koopman in mij dan? "High" in de betekenis van "in een roes" is in het Spaans "volado", maar die betekenis zoek ik niet. Ik vrees dat ik met "alto cinco" ook geen hoge ogen gooi. Dus is het nogmaals tijd om mijn hulp in te schakelen. Volgens Sonia is "high 5" gewoon een argot-woord voor "saludo", groet. Dat geldt idem dito voor een boks, een andere vorm van wederzijdse instemming onder vooral jongeren. Helaas, specifiek Spaanse woorden kan ook zij voor beide zaken niet ophoesten.

Na drie uur onafgebroken arbeiden is Sonia behoorlijk moe, "cansado". (Niet te verwarren met "casado", dat getrouwd betekent.) Ik heb haar verteld dat Lluis ook nog zou komen met een nieuw televisietoestel, maar om kwart over 7 uur is nog geen taal of teken van hem te bespeuren. Ik spreek met Sonia af voor over 15 dagen en ga maar eens op het balkon zitten met enige mondvoorraad.

Om half 9, typisch Lluis, gaat de telefoon en vertelt hij me dat de televisie sjouwen hem te zwaar valt. Anderen gaan hem morgen of maandag bij me installeren. Een uur later, ook typisch Lluis, staat hij toch met een gloednieuw apparaat voor me, nog keurig in zijn doos. Hij pakt het uit, een Smart TV 5522, zet de steuntjes eronder en zet het of de daarvoor bestemde lage kast. Dan zoekt hij de diverse zender via de automatische keuzeknop op. Hij (en ik) komen tot een totaal van zo'n 30, als we de dubbele weglaten. Het zijn bijna allemaal Spaanse en Canarische zenders; het aantal Engelstalige – vooral voor kinderen - is erg beperkt, op één hand te tellen. Het uiterst platte toestel is, meet ik later, zo'n 93 bij 52 centimeter. De diameter – en daar gaat het geloof ik om – is 109 cm oftewel 109 :2,5 = 43 inch. Ik kijk tegen een wel heel scherp beeld aan. Nou weet ik zeker dat ik me in Maastricht na carnaval ook zo'n LED TV zal gaan aanschaffen, ter vervanging van mijn zeer driedimensionale, maar onverslijtbare TV-kast (uit de middeleeuwen, ze kan linea recta het museum in).
Lluis is vervolgens niet te beroerd om ook nog even de tafel die op het balkonnetje staat, te verplaatsen naar de tussenkamer. Met name het blad van de tafel is bij mijn weten loodzwaar en dient nauwkeurig op het onderstel gezet te worden. Dat doet hij. Om 10 uur is mijn "dueño", huisbaas alweer op de terugweg naar zijn SUV, die beneden fout geparkeerd staat. Lluis, bij tijd en wijlen is het toch wel een "toffe gozer". Ik nestel me hernieuwd op het balkonnetje, met een drankje en nootjes. Het gevoel bekruipt me dat mij weinig verkeerds meer kan gebeuren.

Op de zaterdagmorgen kom ik op het lumineuze idee om Brigitte Bardot eens een kans te geven om als "chanteuse" te gaan vlammen op mijn laptop. De Française uit 1934 en ze zou nu dus op de gezegende leeftijd van 85 moeten zitten. Wie kent haar niet, van de Franse film, maar ook van bijv. de originele versie uit 1967 van "Je t'aime, moi non plus" samen met Serge Gainsbourg. Ik heb een "Best of" van haar uit 2002 en een drieluik dat dit jaar is uitgekomen. Laat ik eens voor de laatste kiezen en dan vooral het deel "Ciné musique – Bardot et le cinéma, bandes originales de films". Op die CD van de drie staan 26 nummers, maar een behoorlijk deel ervan is instrumentaal of met zang van andere artiesten. Blijven er negen nummers over, waarop B.B. zingt, al dan niet met een ander erbij. Hier zijn ze:
01. La madrague
10. Sidonie
14. Ah, les petittes femmes (+ Jeanne Moreau) (Viva Maria)
15. Paris, Paris, Paris (+ Jeanne Moreau) (idem)
16. Harley Davidson
18, Bonnie and Clyde (+ Serge Gainsbourg)
20. Chacun son homme (+ Annie Girardot) (Les Novices)
22. Sur le boulevard du rhum (Boulevard Du Rhum)
24. Plaisir d'amour (+ Guy Marchand) (idem)
Voor wie het niet (meer) weet, een "madrague" is een tonijnfuik. Als ik eerlijk ben, had ik wat meer filmnummers van Brigitte Bardot verwacht. Aan de andere kant, ik vind haar stem niet echt geweldig, niet zodanig dat ik jullie ook nog eens met tientallen andere liedjes wil vermoeien.

Hier is mijn variant van "maandag, wasdag". Ik heb me al jaren aangewend om op de zaterdagmorgen een was te draaien (omdat dat, in ieder geval in Maastricht, goedkoper is?). Hoe dan ook doe ik de wasmachine weer eens boordevol, voeg royaal waspoeder toe en draaien maar! Als de was klaar is (plus vijf minuten wachten), haal ik hem weer uit de machine en hang hem netjes te drogen op mijn plat.
Ik zit daarna lekker op mijn balkon te lezen, als ik ineens Carlos beneden hoor roepen: "¡Hoppa! Hoppa!" (Inderdaad, in het Canarisch, dus met een omgekeerd uitroepteken in het begin.) Uit het niets begint het dramatisch te hozen, we geloven onze eigen ogen nauwelijks. Dat wordt met voorrang de spullen weer binnenhalen, maar als ik dat gedaan heb, is hij al door- en doornat. Wordt het toch nog een dagje binnenshuis drogen in de tussenkamer.
Na een kwartier schijnt de zon weer in de Luis Morote, alsof hij niet is weggeweest. maar ik ben niet gek en hang de was niet meer terug te drogen op het plat.

Een mens moet wat, dus ga ik 's avonds maar eens een kijkje nemen op (Parque) Santa Catalina. Op het tweede deel, bij museo Elder, is het koppelverkoop. In het haast pikkedonker wordt reclame gemaakt voor "Dona sangre", geef bloed. In 20 minuten is het gebeurd, staat er, maar ik vermoed dat mensen zoals ik, met al hun medicatie, buitengesloten worden. Ter verlevendiging van het "Dona sangre" speelt een regionale folkoregroep (uit Aguïmes?) de sterren van de hemel, maar mijn hemel is het niet. Dus weet ik niet hoe snel ik me onder de bezoekers moet gaan begeven van de uitgebreide tentoonstelling vlakbij. Ze heet "Fashion & Friends" en het onderwerp is "moda cálida", kwaliteitsmode. Echter, ik het nog van eerdere jaren: het stikt er van de kraampjes, waar mensen je iets proberen aan te smeren, maar iets van mijn gading, ho maar. Misschien vind ik de "stand" van drankje "Flor De Sevilla" nog het aardigst, omdat ze je daar ongegeneerd en gratis een slokje laten proeven.
Niet veel later ben ik al weer bij het deel van restaurant Fataga op het plein. Daar is het heel druk met vooral mensen van middelbare leeftijd die net als ik de "Fashion & Friends" al gedag hebben gezegd. Er speelt ook behartenswaardige muziek. Met `Unforgettable" van Nat King Cole in mijn achterhoofd loop ik terug naar de kant van Santa Catalina waar het een en al terras is. Een nieuw, groot etablissement daar, vlakbij tabakswinkel La Esfinge, de sfinx, heet La Catalina (hoe komen ze op de naam!). Daar is nu buiten een orkestje in de weer en "dus" is het vooral daar te doen. Echt stampvol is het voor de deur. Zo waar zie ik ook tientallen mensen met hun beentjes van de vloer gaan. Het wordt tijd dat ik boodschappen ga doen en me terug ga trekken op mijn "piso", appartement.

Zondag rustdag, maar ik begin in redelijke vroegte met mijn intussen opgedroogde en bijna opgedroogde was op te bergen in de klerenkast en keuken.
Als ik later een ommetje maak, word ik aangesproken door een schoenpoetser, "betunero". Het is afgeleid van "betún", dat voor schoensmeer staat en ook voor asfalt. Beton is in het Spaans el hormigón). In mijn woordenboek vind ik overigens ook het (meer letterlijke) woord "limpiobotas" voor schoenpoetser. Het beroep is aan het uitsterven. Een meerderheid van de mannen hier in Las Palmas heeft tegenwoordig schoenen aan, waaraan maar weinig te poetsen valt met "betún". Ik vind het wel wat dat ik – in mijn zwarte, leren schoenen – nog herkend word als een potentiële klant. Echter, eraan gehoor geven om mijn schoenen te laten poetsen doe ik niet.

Helaas, op zondagmiddag al heb ik schoon genoeg van het gekweel van la Bardot, van haar liedjes in films, zie boven, en ook van de andere CD´s waarop ze te horen is. Laat ik maar een andere artiest voor het voetlicht halen, liefst ook uit Vive la France.
Maar een paar weken voordat ik in november afreis naar Las Palmas, krijg ik een verzamelCD onder ogen met allerlei Franse muziek. Daarop vind ik ook een nummer van ene Antoine. Wie is dat nou weer? Ik ken wel een Antoine, een aardige jongen die vriend is van Marcel en Arno, maar die zie ik in de zestiger jaren (van de vorige eeuw) nog geen CD bij elkaar zingen. Van de Franse zanger Antoine, geboren in 1944, nu dus 75 jaar, had ik in alle eerlijkheid nog nooit gehoord. Als ik zijn "Les élucubrations d'Antoine" hoor, denk ik wel bij mezelf: laat ik hem eens een kans geven. Dan blijkt tot mijn verbazing dat op Muziekweb een hele vracht CD's van Antoine te vinden is. Ik zeg tegen mezelf dat ik er maar ééntje mag proberen en kies voor: "Élubrucations (Antoine On 45, 1965-66)". Dit studiowerk uit zijn vroegste jaren als singer-songwriter is in 2014 opnieuw uitgegeven.
De CD telt twintig nummers, zoals gezegd uit 1965-66 en dat lijkt me voor jullie wat aan de overdreven kant. Dus beperk ik me hier tot de 50% die mij het meeste heeft aangesproken. Mijn Frans is redelijk, maar niet heel goed, dus ben ik vooral op zoek gegaan naar nummers die naast een aardige tekst (in het Frans) ook goed van melodie zijn. Hier komen ze:
01. La guerre
02. Ne t'en fais pas
04. Un jour, cést long temps pour nous deux
06. Petite fille, ne crois pas
07. Les élucubations d'Antoine
08. Pourquoi ces canons
12. Qu'est-ce que ça peut faire de vivre sans maison
14. Mais pas pour toi
16. Je reprends la route demain
18. Nadine
Nummertje 12 is een Franse versie van Bob Dylan's "Like a rolling stone" uit 1965; het staat voor het eerst op diens L.P. "Highway 61 Revisited". Inderdaad voor wie daarin geïnteresseerd is, de muziek van Antoine heeft wel wat weg van dat van de Meester uit zijn beginjaren.

's Avonds laat, als ik voor de zoveelste keer een horde "Chinese" dames op de bank bij karaokezaak Manila zie samendrommen, kan ik het niet laten en ga naar beneden om ze te vragen waar ze vandaan komen: China, Japan, Korea? Manilla - zo heet de karaoke-zaak ernaast - is de hoofdstad van de Philippijnen, dus wat ka=unnen ze me anders vertellen dan dat ze uit dat land komen. Harry & Greetje zijn er geloof ik nog eens op vakantie geweest.

Maandag 25 november is de "día internacional de la eliminación de la violencia contra la mujer" en dat zullen we weten. Als krant kun je vandaag niet zonder een hele litanie dames (en heren) te interviewen die zich rücksichtslos achter de doelstelling hebben geschaard. In regionale krant Canarias7 wordt zelfs de net 80 geworden Tina Turner - nog net niet postuum denk ik dan - van stal gehaald die zich vele decennia geleden toch maar mooi bevrijd zou hebben van "machista" Ike.
Mag ik een keertje niet meedoen met de mars die vanavond Las Palmas op zijn kop gaat zetten? Zelfs niet langs de kant staan om de stoethaspels aan te moedigen?

Mijn ommetje begint deze keer met een stuk (calle) Sagasta, de grote straat dwars op de Luis Morote, bij mij om de hoek. Vooraan in de straat is de "peleteria Naranjo". "Piel" is leer in het Spaans en "peletería" staat voor leerzaak. Wie weet dat een "naranja" een sinaasappel is, komt wellicht ook op het woord "naranjo" voor de bijpassende sinaasappelboom. De winkel bestaat volgens mij al sinds Sint Juttemis en hij is best groot, gespecialiseerd in vooral leren jassen. Ik vind hem wel een beetje horen tot de laatse der mohicanen onder de middenstand. Er zijn echt maar zelden nog klanten binnen, wel het nodige personeel.
Dan zie ik in de etalage van Naranjo een paar puike instappers staan, afgeprijsd van 84 naar 55 euro, dus met nog eens 35% korting. Heeft de korting van doen met het door de middenstand bedachte idee om de week van 22 t/m 29 november als een "semana de black friday" te afficheren? Mijn schoenen (laag, zonder veters) blijken voorradig te zijn in het dofwit en grijsblauw en zo waar ook nog eens in mijn maat (46). Ik pas de enigszins donkere en ze zitten als gegoten. Ik koop ze zonder aarzelen en op de kassabon die ik na betaling krijg, staat dat het "zapatos fluchos surf" zijn, surfschoenen. Waar dat "fluchos" voor staat, blijf ik jullie schuldig. Dat woord kan ik niet vinden in mijn woordenboek, zelfs ook niet in mijn Canarische "diccionario básico".
Even later loop ik tevreden over straat met de nieuw verworven "mocasins" in een papieren "bolsa".

De macht in de wereld is m.i. al lang niet meer primair in handen van politici, maar eerder van een aantal grote bedrijven, zoals in Nederland Shell, Unilever e.d. En dan is er - zeker op de korte termijn – nog de toevalsfactor. Het gaat met het leven dan weer eens een tijd zoals men het zich wenst en vervolgens valt het een tijd tegen. Dat geldt niet alleen voor mensen, maar ook voor hele landen, zelfs de hele wereld. Wie de politieke baas mag spelen in een globale crisistijd, zoals in Amerika Barack Obama van 2008 tot 2016, krijgt doorgaans in de recente geschiedenis daarna geen veer op zijn hoed gestoken.
Ongeveer sinds Donald Trump in de Verenigde Staten president is, gaat het met de economie van het land best goed. Dat toe te schrijven aan diezelfde Trump, is m.i. een gotspe, maar het maakt hem wel populair bij veel Amerikanen, vooral "de gewone man". Dat hij daarbij zo ongeveer alles aan zijn laars lapt wat hem niet zint, wordt hem door diezelfde "gewone man" graag vergeven. Over een jaar is (op 3 november 2020) een nieuwe presidentsverkiezing en zoals het er nu voorstaat, blijft Trump de eerst aangewezene om voor de republikeinen opnieuw een gooi naar de macht te doen, ondanks zijn hoge leeftijd. Persoonlijk vind ik dat iemand van mijn leeftijd, boven de 70, niet langer de aangewezen persoon moet zijn om belangrijke beslissingen te nemen in de binnenlandse en buitenlandse politiek, kortom om een groot land te besturen. President zijn, zelfs van een kleiner land zoals Nederland, is meer iets voor veertigers en vijftigers, om het eens rechttoe rechtaan te zeggen, of het nou om een meer conservatieve of vooruitstrevende persoon gaat.
In het kamp van de democraten verdringen allerlei hoogbejaarden zich vandaag de dag om het tegen Donald Trump op te kunnen nemen, het komende verkiezingsjaar. Vooralsnog zijn de belangrijkste kanshebbers Joe Biden, 77, en als hij niet omvalt, Bernie Sanders, 78. Daar win je de oorlog niet mee, kan ik jullie nu al voorspellen. Ook de nieuwe ster aan het democratische firmament, Mike Bloomberg, alweer 77, heeft m.i. geen schijn van kans tegen Trump, hoe rijk de oud-burgemeester van New York ook moge zijn (hij staat zesde op de Forbes-lijst, met 55 miljard). Voorlopig zet ik mijn dure geld op Elisabeth Warren, best progressief, maar helaas wel al weer 70. Niettemin, zo lang het goed gaat met Amerika en de economie, al dan niet door toedoen van narcist Donald Trump, is haar kans om de volgende president te worden ook klein.
Waar blijven de jonge democraten met een mooie babbel en een idem dito slagzin die zich de komende maanden onbevangen in het strijdtoneel durven te werpen?

Mag ik in herhaling vallen over mijn "zapatos fluchos"? Die zijn, als ik ze op dinsdag eens op straat uitprobeer, nog altijd uit de kunst. Ze zijn kennelijk van een Spaans merk: "Dingo" en het woord "fluchos" staat in allebei de schoenen genoemd, naast een mannetje dat overduidelijk een paard de sporen geeft. Waar zou dat "fluchos" toch voor staan?

Op de dinsdagavond zit ik ruim op tijd gereed voor een avondpotje voetbal. Real speelt om 8 uur (locale tijd) tegen Paris Saint-Germain (PSG) en tegelijkertijd ook nog eens Juventus tegen Atlético Madrid. Ik heb sinds zaterdag thuis twee voetbalkanalen tot mijn beschikking: "Real Madrid" en "Gol". Als ik om twintig voor 8 inschakel, zit op beide zenders een vijftal deskundigen geanimeerd voor te beschouwen. Op de achtergrond hoor ik zachtjes al de hymne van de Champions League opklinken.
Ze gaan de wedstrijden allebei van minuut tot minuut volgen, "minuto a minuto", maar dat valt mij vanaf 8 uur knap tegen. Ik krijg een radioverslag en geen beelden. Die mogen pas op het scherm komen in de korte samenvattingen vanaf over 10 uur. Als ik vooraf hoor dat Galatazaray en Brugge gelijk gespeeld hebben, weet ik alvast dat Real en PSG niks meer kan gebeuren, met nog twee wedstrijden te gaan. Die zijn nu al allebei door naar de achte finales. Voor Atlético ligt het, als er verloren wordt van Juventus, een heel stuk moeilijker. Dan staat het nog maar één punt boven Leverkusen, dat met 0-2 in Sint-Petersburg gewonnen heeft.
Juventus verslaat Atlético met 1-0. Moet ik het enige doelpunt van Juventus tegen Atlético - een vrijde trap van Dybala vlakbij de achterlijn links van Oblak, die er zo maar inploft - nou zien als iets schitterends ("un golazo") of als een blunder? De deskundigen komen er niet uit. Voor het woord "blunder" heb ik in mijn groot woordenboek diverse namen staan, maar niet "cantada".
De wedstrijd van Real tegen PSG lijkt helemaal voor de thuisclub in de knip, als Karim Benzema in de tweede helft zijn tweede treffer van de match aantekent. Het vonnis, de "sentencia" is geveld en op beide sportzenders heeft men het al over een "apisonadora", een stoomwals die over de tegenstander heenrolt. En toch, dan maakt PSG vlak erop wel nog de 1-2 en 2-2.
Dat gaat morgen, woensdag wat geven, als eerst Valencia het thuis opneemt tegen Chelsea en dan, om 8 uur locale tijd, Lille tegen Ajax. Ik neem me voor om morgen weer gewoon ergens op het terras tegaan kijken. Dar is niet alleen leuker, maar ik krijg graag een echte wedstrijd mee. Ik vrees intussen wel dat overal hier Barcelona tegen Borussia Dortmund zal opstaan en niet het treffen in Noord-Frankrijk.

Woensdag is het precies nog twaalf weken te gaan, voordat ik huiswaarts mag. Daarvan zijn er nog vijf vóór nieuwjaar en zeven erna. Op woensdag 19 februari meld ik mij, links en rechts kushandjes uitdelend, weer in "Holanda". De voorpret mag ik hier nog afwerken, maar voor "die drei daog, zegk mer vijf" is mijn geboortestad toch de aangewezen plek. Daarna wil ik het vroege voorjaar in Nederland wel weer eens aan den lijve voelen.

Met Henk van Berkel en Anneke hebben Trudie en ik al jaren lang af en toe een etentje, om en om bij hunnie of bij een van ons. Vanmiddag promoveert Henk aan de universiteit van Tilburg op een educatief onderwerp: of studenten die in beroep gaan tegen een beslissing over hun examen op de universiteit, dan wel en niet vaak gelijk hebben en het ook nog krijgen. Volgens Trudie zijn deze studenten al te vaak mensen die te beroerd zijn om echt te blokken voor hun punten en dan via de rechter hun gelijk proberen te halen. Henk denkt daar, geadstrueerd met allerlei cijfers, heel anders over. Hij heeft in zijn werkzame leven uiteraard al eens eerder een proefschrift geschreven en met succes verdedigd, maar daarna is hij als vaste medewerker van O & O in Maastricht in de pikorde nooit hoger gekomen dan universitair hoofddocent, "associate professor", om het eens op zijn Engels te zeggen. Hij heeft me al een paar keer uitgelegd dat dat mede komt, omdat hij met zijn baas ("Kees") bij O & O nooit goed door dezelfde deur heeft gekund.
Wat doe je, als je er als "jubilado" uitgebonjourd wordt? Ga je dan werkeloos achter de geraniums zitten? Henk is een wel zeer bezige bij, die er dan voor kiest om - naast andere bezigheden - elders in Nederland nog eens opnieuw de Ph.D. student te gaan spelen. Ik weet vanmorgen al heel zeker dat hij vanmiddag in Tilburg zijn welluidende stem zal laten klinken. Trudie gaat mede namens mij acte de présence geven. (Maar dan krijg ik een appje dat ze niet naar Tilburg kan komen.)

Woensdagmiddag vervolg ik deze Franse week met nog maar een plaatje uit dat land: "The Rough Guide To Paris Café", keurig uit de rekken van Centre Ceramique geplukt. De CD is van 2010, maar ik voel aan mijn klompen aan dat de diverse nummers best oud (maar niet versleten) zijn. Er staan er twintig op de plaat en laat mij eens voor de variatie, na B.B. en Antoine, de (overheersend) instrumentale nummers van de CD naar de voorgrond halen. Op de meeste daarvan voert een accordeon de boventoon. Hier zijn ze:
01. Glissade – David Rivière
03. I wonder where my baby is tonight – Angelo Debarre & Ludovic Beier
05. Waltz in Paris – Ludovic Beuer Quartet
07. Rue de la Chine – Marcel Azzola & Didi Duprat
08. Kif – Beltuner Feat. Mustapha MB
09. Polka à Alfred Mouret – Trio DCA
11. Impression – Henri Momboisse
12. Germaine – Joseph Colombo Du Bal Tabarin Et Son Ensemble
14. Le tournis – Armand Lassange
17. Accordéonette – Jean Peyronnin, A Tedeschi Et Leur Célèbre Orchestra Musette
19. Fox musette – Les Primitifs Du Futur
Als dit geen mooie, onvervalste serie is... (En natuurlijk heb ik ook iets met bijv. liedje 15: La guinguette a fermé ses volets" van zangeres Damia", maar dat is niet instrumentaal.) Een voorkeur voor dit of dat nummer ga ik deze keer hier eens niet uitspreken.

In de vroege avond zit ik op de bank tegenover Carlos, maar een e-mail of appje van Trudie is er nog niet. Dus loop ik maar naar het café-terras van Miami op het plein en krijg het laatste stukje mee van Valencia tegen Chelsea. De Spaanse club staat met 1-2 achter, heeft net nog een penalty gemist. Dan weet in minuut 82 ene Wass vanuit een haast onmogelijke positie opzij van het doel toch nog de 2-2 binnen te tokken. Het lijkt wel een herhaling van de goal van Dybala van Juventus.
Lille (LOSC) tegen Ajax wordt uiteraard niet vertoond, zodat ik af moet gaan op vooral de mini-samenvatting later op mijn eigen TV. Het wordt 0-2, door doelpunten van Ziyech voor de pauze en Promes in de tweede helft. Weten jullie wel dat die Promes nu al op 6 uit 5 staat? De stand na vijf van de zes wedstrijden is: 1. Ajax 10, 2/3 Valencia en Chelsea 8 en Lille 1 punt. Als Chelsea thuis wint van Lille, wat ik haast aanneem, heeft Ajax nog altijd aan een gelijkspel thuis tegen Valencia genoeg om de achtste finales te bereiken.

Hier in Las Palmas wil iedereen uiteraard naar Barcelona tegen Borussia Dortmund kijken. Een beetje noodgedwongen doe ik maar met de meute mee. Al in minuut 1 zie ik een flater van Rakitic, waardoor het bijna 0-1 wordt. Suárez scoort in (net aan) buitenspelpositie in minuut 21, maar met de rust staat het toch al 2-0 door Suárez in minuut 29 en Messi in minuut 33. (Invaller) Griezmann (met i-e) maakt er in minuut 67 nog 3-0 van op aangeven van Messi. Daarna komt Borussia Dortmund echt los. In minuut 79 scoort Sancho een mooie 3-1 en later mag Ter Steegen nog een bal tegen de lat stompen. Is Barcelona moe, of heeft het geen zin meer?
Terzijde, Frenkie de Jong, nummer 21van de "azulgrana", speelt de hele wedstrijd een prima partij. En in minuut 45 krijgt de Franse scheidsrechter Turpin een bal keihard tegen zijn hoofd en ligt de wedstrijd daardoor een tijdje stil.
Mijn favoriete club uit Spanje is nu wel al geplaatst (met 11 punten, voor Inter en Borussia Dortmund met 7). In een andere groep spelen Liverpool en Napoli gelijk (1-1) en daar is de stand nu 1. Liverpool 10, 2. Napoli 9, 3. Salzbug 7.

De donderdag is een beetje de stilte voor de storm. A.s. zaterdag komt Trudie hierheen voor een weekje rust. In haar e-mail schrijft ze me hoe "drök, drök" ze het wel niet heeft en dat hoef ik niet te vertalen, vrees ik, zelfs niet voor mensen die het Maastrichtse dialect niet machtig zijn. Wat een verademing moet het voor haar zijn om hier met mij op het balkon te zitten lezen of kletsen en eens een dagje strand te doen. En dan heb ik het nog niet over culinaire hoogtepunten zoals het klaarmaken van enkele kilo's "zoervleis op ze Mestreechs" en een behoorlijke bak stevige gehaktballen.
Omdat ik morgen, vrijdag, naar de universiteit ga en daarmee aan allerlei alledaagse dingen minder toekom, begin ik vandaag al met me te prepareren op allerlei boodschappen. Er moet chorizo de Pamplona op tafel komen, Hollandse jonge kaas en laat ik de spa en halfvolle melk niet vergeten. En wat ik allmaal wel niet nodig heb om mijn fameuze "pittige greuntesop mèt balle"op tafel te zetten. De Spar om de hoek krijgt de komende dagen nog een goeie aan me.
's Avonds ga ik in mijn instappers naar de Mesa y López voor wat ik maar aanvullende boodschappen zal noemen. Dan valt me op dat de feestdagen hier nou toch wel begonnen zijn. De stukje straat van El Corte Inglés is eindelijk bevrijd van alle "metro"-werkzaamheden en ligt er op zijn voorjaars bij. De bomen in het middenstuk zijn gehuld in een vracht rode lampjes waar je u tegen zegt. Ook hangen er grote, witte langwerpige (kerst)ballen aan. (De diverse bomen langs de oostkant van de stad zullen binnenkort ongetwijfeld volgen met een zee van lampjes.) In de nieuw ingerichte etalages van de Bijenkorf van Spanje zijn de kerstbomen troef en ook binnen wemelt het van die sparren met van alles erop en eraan.
In de twee winkels van El Corte Inglés is het vanavond best druk. Ik moet echt tussen horden kooplustigen door om bij de Hipercor beneden in de noordkelder te komen voor mijn amandelen en hazelnoten. En passant is er ook nog tijd om servetten, knäckebrot en krabsalade te confisqueren.
De San Nicolás die hier over de daken rijdt, zit niet op geen witte schimmel, maar bedient zich van een Coca-cola arreslee, zonder Pieten, de Criados Moros). Ook in de straten in de buurt is men begonnen om "kerst"versiering op te hangen. Daar is het overigens wel nog allemaal maar mondjesmaat. Moe, maar voldaan keer ik weer terug naar de Luis Morote.

Vandaag, vrijdag, is het weer tijd om de universiteit op te zoeken, altijd een belevenis, al was het maar omdat ik dan (soms) Lluis weer eens tegen het lijf loop en/of enkele anderen van de afdeling. Iedere keer vraag ik me nu af of de printer het wel zal doen (waar Tomas over gaat, die in deze tijd van het jaar wel eens bezigheden buitenshuis blijkt te hebben). Hoe dan ook, vanmiddag gaat brief 15.04 de lucht in! Mijn volgende hoop ik, in ijltempo, te kunnen versturen op donderdag 5 december, als jullie je hoofd zitten te breken over rijmwoorden op Sinterklaas en Zwarte of Gekleurde Piet.
Voor nu: neem alvast eens een taai taai en bedenk dat je surprises ook in plastic kunt verpakken. Ik hoop oprecht dat niemand van jullie de zak gaat krijgen en tot ziens maar weer, hasta luego, PaulK.

BOEKENBIJLAGE

Met name Eva vertelde me an de zomer dat ik per se "Hex" eens moest lezen, van de Nijmeegse nog jongeman (36 jaar, uit 1983) Thomas Olde Heuvelt. Het is (oorspronkelijk) uit 2013, maar het einde is nog eens aangepast in 2016. Als iemand als Stephen King er dan nog eens zijn fiat aan geeft, kan het succesverhaal niet meer stuk. "Hex" is nu een bestseller over de hele wereld. Het speelt in een klein dorpje (3000 inwoners) vlakbij Nijmegen.
In 1665 is daar een heks verbrand, Katharina van Wyler, maar om onduidelijke reden is ze nog steeds, of alweer, present in het plaatsje. Ze staat steeds op een andere plek in het dorp, als ze niet aan de wandel is. Weg te krijgen is ze niet en dus besluit het dorp om haar met rust te laten en er als het graf over te zwijgen tegenover de buitenwereld. Wel richt ze een Hex-controlecentrum in met zeven "man" personeel – de baas heet Robert Grim - om haar te monitoren. Gaan we naar het gezin van Stefan (huisarts-onderzoeker!) en Jolanda de Graaf plus tienerkinderen Timo en Max, die al achttien jaar in het dorpje wonen. Timo haalt met zijn vrienden graag streken uit en de "Wickervrouw" is uiteraard een dankbaar slachtoffer. Dan loopt het uit de hand, als sommige van zijn vriendjes, zoals zoon Jelmer van slagersvrouw Gemma Holst, met veel grover geschut aan komen zetten. Raadsheer en god-aanbidder Kobus Mater spreekt er schande van en grijpt terug op een eeuwenoude noodverordening om de jongens te straffen. Daarna loopt het helemaal uit de hand.
Wie ben ik om na de lovende woorden van Stephen King nog kritiek op "Hex" te hebben. Ik heb genoten, ik ook! Dit is voor mij een van de beste Nederlandstalige boeken van de laatste jaren. Als recensiecijfer kom ik uit op een 8½, vooruit zelfs een 9-, omdat ik tot aan het einde de spanning blijf voelen. Ik heb de opvolger van "Hex" al in huis, "Echo", en die gaat er zeker ook aan geloven.

Nu ik toch bezig ben met bestsellers, kan ik niet om Martine Bijl's Rinkeldekink" heen. Het boekje is onlangs met de Publieksprijs naar huis gegaan, de hoogste jaarlijkse onderscheiding voor een boek in Nederland. Van Martine Bijl, een Amsterdamse uit 1948, heb ik haar eerdere "Hindergroen" al eens positief besproken. "Rinkeldekink" - een dienblad met bekers koffie klettert op de grond klettert op blz. 39 - telt maar 114 bladzijden, maar er is heel wat reclame gemaakt om het te laten winnen.
Martine Bijl vertelt in de vorm van korte hoofdstukken over de jaren na haar beroerte in 2015 (tot aan haar dood dit voorjaar). Zij heeft een SAB gehad, een subarachnoidale bloeding, waarvan ze niet echt kan genezen. Haar boek telt drie delen: over haar tijd in het revalidatiecentrum, over haar depressie en over het daarmee samenhangende verblijf in het streekziekenhuis. Het bijbehorende aantal stukjes is respectievelijk 18, 4 en 10. Over de lichamelijke revalidatie, zo goed en zo kwaad als het gaat, wil Martine Bijl best vertellen en min of meer ook over wat er om haar heen met mensen gebeurt op de afdeling psychiatrie van het streekziekenhuis. Echter, over haar grootste probleem, de Zwarte Deken die over haar heenvalt na haar beroerte, blijft ze heel vaag. Daarover wil ze maar mondjesmaat iets kwijt. Het lukt haar maar niet om daarover veel zinnigs op papier te zetten.
Mede ook, omdat ikzelf in 1995 (alweer bijna 25 jaar terug) een beroerte heb gehad, heb ik "Rinkeldekink" met veel aandacht zitten lezen. Zelf ben ik er destijds (nagenoeg) ongeschonden uit gekomen (maar vraag me wel serieus af of ik niet ook een – lichtere - depressie heb gehad). Met name deel 1 van Martine Bijl's boek vind ik goed geschreven. Het geeft een rake typering van het leven als patiënt, als je weet dat je niet echt meer beter wordt. Deel 3 over haar omgeving op de afdeling psychiatrie kan er m.i. ook best mee door. Een minpunt blijft voor mij dat het verhaal over de depressie wel wordt aangestipt, maar toch grotendeels onverteld blijft. Daardoor kom ik voor "Rinkeldekink" niet verder dan een 7 als recensiecijfer. Misschien had haar man Berend Boudewijn kunnen helpen om haar omgang met de depressie op te schrijven.

Van thrilerschrijver Harlan Coben (geboren in Newark, New Jersey in 1962) heb ik door de jaren heen al heel wat boeken hier besproken, meestal best gunstig. Ik heb op mijn e-reader de nodige andere staan en vooruit, laat ik "Naar Huis" eens gaan doornemen. Het is uit 2016 en heet oorspronkelijk "Home". Uiteraard speelt het vooral in Newark, dat niet ver van New York City afligt.
De ikpersoon in het boek is ene Win, maar zijn vriend Myron Bolitar, ex-basketballer, dan sporter-begeleider en nu een soort Private Eye, is prominenter in beeld. Ook diens secondanten Esmeralda en Big Cyndi en zijn neefje Mickey (plus Ema & Spoon) doen weer mee, evenals Win's hulp: transgender Zorra.
Tien jaar terug zijn twee zesjarigen van de aardbodem verdwenen, Patrick en Win's neefje Rhys, en nu – na zoveel tijd - komt er een aanwijzing dat Patrick nog in leven is en als jonge prostitué in Londen de kost verdient. Myron & Win gaan erop af en vinden de jongeman ook. Van Rhys is helaas nog steeds geen spoor te bekennen. Aan de kant van de boeven komen we vooral Fat Gandhi tegen met zijn pedofiel netwerk in Londen. De gezinnen van de jongens komen vervolgens uitgebreider in beeld en dan blijkt dat daarin een en ander goed mis zit.
Myron Bolitar heeft wel wat van mij weg, als het op zijn voorkeur voor een bepaalde omgeving gaat. Ik citeer hem maar eens op blz. 209: "Daar hield hij van, naar mensen kijken. Beelden van zonsondergangen boven zee en groene landschappen mochten dan prachtig zijn, maar na een tijdje werden ze voorspelbaar. Mensen – van elk ras en geslacht, alle soorten en maten, afkomstig uit alle landen, en ga zo maar door – verveelden nooit. Iedereen had zijn eigen wereldje: een leven, een droom, hoop en verdriet, blijdschap en verbazing, een verhaal met een begin, een midden en een eind... en dat liep zomaar op straat aan je voorbij."
Harlan Coben doet erg zijn best om het me als lezer naar de zin te maken. Zijn "Home" is genietbaar en de zijstapjes naar bijv. basketbal mogen er zijn. Dus bedeel ik zijn "Naar Huis" met een 8 als passend recensiecijfer. De schrijver lijkt me een sympathieke man toe.